1.Vaststellen agenda
2.Commissieagenda onderdeel VRO
3.32847, S
Brief van de ministers van VRO en van LZJ&S over voortgang ouderenhuisvestiging; Integrale visie op de woningmarkt
Beslispunt
Wenst de commissie naar aanleiding van de brief van 6 juli 2026 met de ministers van VRO en Langdurige Zorg, Welzijn en Sport in overleg te treden?
Toelichting
Op 6 juli jl. heeft de Kamer van de ministers van VRO en Langdurige Zorg, Welzijn en Sport de volgende voortgangsrapportage ouderenhuisvesting ontvangen. De toezending staat in verband met toezegging:
De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Van Rooijen (50PLUS), toe om na te gaan of informatie over de voortgang van de bouw van seniorenwoningen voldoende is opgenomen in de bestaande voortgangsrapportages, en – indien dat niet het geval is – te bezien of deze informatie alsnog in toekomstige rapportages kan worden opgenomen en de Kamer hierover te informeren.
In het kader van deze toezegging heeft de minister in oktober vorig jaar geschreven: “Gezien de terechte belangstelling van uw Kamer voor dit thema, zal ik uw Kamer voortaan de voortgangsrapportages over ouderenhuisvesting ook direct toesturen. Ik verwacht dat weer voor de zomer van 2026 te doen.”
Naar aanleiding hiervan heeft de commissie besloten om toezegging T04010 als legisprudentie (doorlopende toezegging) aan te merken. Een beslissing over de status van de toezegging is daarom niet nodig.
Bespreking
4.36881, D
Brief van de minister van VRO over uitwerking regeerakkoord op financiële positie woningcorporaties; Novelle Wet versterking regie volkshuisvesting
Beslispunt
Wenst de commissie naar aanleiding van de brief van 17 augustus 2026 met de minister van VRO in overleg te treden?
Toelichting
Op 17 augustus 2026 heeft de Kamer van de minister van VRO de uitwerking van het regeerakkoord met betrekking tot de financiële positie van woningcorporaties ontvangen. Het kabinet onderzoekt op dit moment op welke wijze een uitvoerbare en doelgerichte faciliteit die juridisch houdbaar is het beste kan worden vormgegeven, waarbij de minister aangeeft dat het niet haalbaar is om de wijzigingen in het Belastingplan van 2027 op te nemen.
Over de financiële positie van woningcorporaties is bij de behandeling van de Begrotingsstaten Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening 2026 (36800 XXII) de motie Van Langen-Visbeek c.s. aangenomen. Tevens is bij de behandeling van de Wet versterking regie volkshuisvesting een (nog te registreren) toezegging gedaan de Kamers hierover te informeren. In de brief wordt overigens niet naar deze motie of deze toezegging verwezen.
Bespreking
5.33118/34986, HJ
Beslispunten
Wenst de commissie naar aanleiding van de brief van 3 september 2026 met de minister van VRO in nader schriftelijk overleg te treden?
Toelichting
Op 2 maart 2026 heeft de Kamer de voortgangsbrief uitvoering Omgevingswet vierde kwartaal ontvangen (33118/34986, HA). De commissie besloot de voortgangsbrief te behandelen samen met de brief van de minister van VRO ter aanbieding van het tweede reflectierapport van de Evaluatiecommissie Omgevingswet 'Werk aan de winkel' (33118/34986, HB) en de kabinetsreactie op dit rapport (33.118/34.986, HG). Op 14 juli heeft de commissie vragen gesteld naar aanleidng van deze brieven. De antwoordbrief die de Kamer op 3 september jl. heeft ontvangen ligt heden ter bespreking voor.
Ter herinnering: in de brief van 2 maart jl. had de minister geschreven dat de Kamer voortaan in lagere lagere frequentie over de voortgang van de verdere uitvoering van de Omgevingswet geïnformeerd zal worden. Voorafgaand aan de start van ieder kalenderjaar ontvangt de Kamer een brief waarin vooral vooruitgekeken wordt naar belangrijke ontwikkelingen voor het komende jaar. Dit houdt in dat de Kamer de brief met de vooruitblik op 2027 in het vierde kwartaal van 2026 ontvangt. Daarnaast blijft de Kamer halverwege ieder jaar de uitkomsten van de jaarlijkse Monitor Werking Omgevingswet ontvangen, waarin juist wordt gereflecteerd op het voorgaande jaar (de Monitor 2025 wordt op 22 september 2026 geagendeerd). Aanvullend hierop blijft de Kamer ook de bevindingen van de onafhankelijke Evaluatiecommissie Omgevingswet ontvangen.
Bespreking verslag van een schriftelijk overleg
6.Commissieagenda onderdeel I&W
7.Toezeggingen T02859, T02446, T03276, T03578 en T02888
Verslag van een mondeling overleg op 16 juni 2026 over de milieueffectrapportage; Regelgeving Ruimtelijke Ordening en Milieu
Beslispunt
Wenst de commissie de status van bepaalde toezeggingen te wijzigen?
Achtergrond
De commissie heeft tussen 2 december 2024 en 2 februari 2026 verschillende malen schriftelijk overleg gevoerd met de regering over een aantal toezeggingen verband houdend met het onderwerp 'milieueffectrapportage'. Laatstelijk ging het over de toezeggingen T02859, T02446, T03276, T03578 en T02888, en over de motie-Kluit (GroenLinks) c.s. over gemeentelijke milieueffectrapportages (33.118 / 34.986, EZ).
De commissie besloot naar aanleiding van de brief van 2 februari 2026 niet in nader schriftelijk overleg te treden, maar in plaats daarvan en mondeling overleg van ca. 45 minuten in te plannen na afloop van het kennismakingsgesprek met de nieuwe staatssecretaris van I&W De commissie besloot verder de status van toezeggingen T02859, T02446, T03276, T03578 en T02888 niet te wijzigen en de status van de motie-Kluit c.s. evenmin. Dit zou eventueel na het mondeling overleg kunnen gebeuren. Bedoeld mondeling overleg heeft op 16 juni 2026 plaatsgevonden. Het is terug te kijken via: Verslag van de vergadering van de commissie voor Infrastructuur en Waterstaat / Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (I&W/VRO) op 16 juni 2026. Het woordelijk verslag treft u in concept aan in de bijlagen.
De commissie besloot op 7 juli jl. het agendapunt aan te houden en opnieuw te agenderen op 8 september 2026 wanneer ook de toezeggingen uit het mondeling over met de staatssecretaris van I&W over de milieueffectrapportage van 16 juni 2026 zijn geregistreerd. Dat is inmiddels gebeurd. Geregistreerd zijn:
De staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van de leden Kluit (GroenLinks-PvdA) en Van Aelst-den Uijl (SP), toe om de Kamer in het najaar met een brief te informeren over welke maatregelen genomen worden om het VTH-stelsel (verder) te versterken.
De staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van de leden Kluit (GroenLinks-PvdA) en Van Langen-Visbeek (BBB), toe om in gesprek te gaan met gemeenten en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) over wanneer een milieueffectrapportage nodig is. Bij deze gesprekken worden ook de omgevingsdiensten betrokken. Daarbij zal mede gekeken worden of het nodig is om de instructies bij gemeenten in dit kader aan te passen en zal er aandacht worden besteed aan de aanwezige personeelstekorten. De informatiebehoefte zal worden afgestemd op de schaal van de gemeente (groot/klein).
De staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Kluit (GroenLinks-PvdA), toe om het kennisprogramma dat gedaan wordt samen met de Commissie mer verder financieel te ondersteunen.
De commissie besloot verder de motie-Kluit (GroenLinks) c.s. over gemeentelijke milieueffectrapportages als deels uitgevoerd te blijven beschouwen, tot de Evaluatiecommissie Omgevingswet haar eindverslag heeft uitgebracht. Dat zal in 2029 zijn.
Toezeggingen waarover een beslissing dient te worden genomen
Voor het mondeling overleg waren de volgende toezeggingen geagendeerd:
De minister voor Milieu en Wonen zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Kluit (GroenLinks), toe dat in de loop van de inwerkingtreding van de Omgevingswet en daarna gemonitord zal worden op de ontwikkeling van het aantal, de kwaliteit en de onafhankelijke toetsing van milieueffectrapportages (m.e.r.). Deze monitoring heeft ook betrekking op m.e.r.-beoordelingen. (status: openstaand).
De minister van Infrastructuur en Milieu zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Vos (GroenLinks), toe dat zij de periodieke evaluaties van de Omgevingswet en de Commissie voor de m.e.r. zal aanpassen, zodat gevolgd kan worden hoe vaak en in welke gevallen een onafhankelijke toets door de Commissie voor de m.e.r. plaatsvindt. Na twee jaar zal geëvalueerd worden wat de effecten zijn van het niet langer verplicht stellen van een onafhankelijke kwaliteitstoets in het geval van complexe projecten. (status: openstaand)
De minister van Infrastructuur en Waterstaat zegt de Kamer, naar aanleiding van een opmerking van het lid Kluit (GroenLinks), toe om in beginsel vanaf het moment dat de Omgevingswet ingaat, jaarlijks de verplichte en niet verplichte milieueffectrapportages op de omgevingsvisies te zullen monitoren om in een later stadium terug te schakelen naar een tweejaarlijkse frequentie. Mogelijkerwijs zal deze monitoring op een eerder moment starten, waarover de minister van I&W de Kamer nog bij brief zal informeren. (status: openstaand)
De staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Fiers (PvdA), toe dat de verbetering van de kwaliteit van de milieueffectrapporten een onderdeel wordt van het verbeterplan voor het VTH-stelsel en dat de Kamer de tweejaarlijkse evaluaties zal ontvangen. In het geval uit deze tweejaarlijkse evaluaties blijkt dat er nog aanvullende zaken nodig zijn om de kwaliteit van de milieueffectrapporten te verbeteren, dan zal de staatssecretaris de Kamer hierover informeren tegen de tijd dat die rapportage bekend is. (status: openstaand)
De minister voor Milieu en Wonen zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Kluit (GroenLinks), toe dat de m.e.r.-beoordelingsplicht gemonitord zal worden op het punt van diepe plassen. (status: openstaand)
Tijdens het mondeling overleg zijn de volgende toezeggingen gedaan:
De staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van de leden Kluit (GroenLinks-PvdA) en Van Aelst-den Uijl (SP), toe om de Kamer in het najaar met een brief te informeren over welke maatregelen genomen worden om het VTH-stelsel (verder) te versterken. (status:openstaand)
De staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van de leden Kluit (GroenLinks-PvdA) en Van Langen-Visbeek (BBB), toe om in gesprek te gaan met gemeenten en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) over wanneer een milieueffectrapportage nodig is. Bij deze gesprekken worden ook de omgevingsdiensten betrokken. Daarbij zal mede gekeken worden of het nodig is om de instructies bij gemeenten in dit kader aan te passen en zal er aandacht worden besteed aan de aanwezige personeelstekorten. De informatiebehoefte zal worden afgestemd op de schaal van de gemeente (groot/klein). (status: openstaand)
De staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat zegt de Kamer, naar aanleiding van een vraag van het lid Kluit (GroenLinks-PvdA), toe om het kennisprogramma dat gedaan wordt samen met de Commissie mer verder financieel te ondersteunen. (status: openstaand)
Bespreking status toezeggingen
8.31936, CC
Verslag van een schriftelijk overleg met de minister van I&W over het ontwerpbesluit tot wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit (LVB) Schiphol (EK, CC) met bijlagen
Beslispunt
Welke fracties wensen heden inbreng voor nader schriftelijk overleg te leveren?
Toelichting
Bij brief van 19 januari 2026 heeft de minister van I&W het ontwerpbesluit tot wijziging van het Luchthavenverkeerbesluit (LVB) Schiphol bij de Kamers voorgehangen. Het gaat om een algehele wijziging van het LVB. In haar vergadering van 3 maart 2026 heeft de commissie besloten de behandeling van het ontwerpbesluit aan te houden totdat het advies van de Commissie voor de milieueffectrapportage (Commissie mer) is ontvangen. Op 21 april 2026 hield zij een deskundigenbijeenkomst over de voorgenomen wijziging van het LVB (Verslag).
Het advies van de Commissie mer is op 15 mei 2026 gepubliceerd en aan de Kamer aangeboden, eerst door de Commissie mer zelf en later - met een korte reactie - door de minister van I&W. Vervolgens heeft de commissie gewacht op de door de minister aangekondigde reactienota op het advies van de Commissie mer. Deze is op 19 juni 2026 verschenen. Op 23 juni 2026 is ten slotte inbreng voor schriftelijk overleg geleverd. De antwoordbrief is 2 juli 2026 ontvangen.
In haar vergadering van 7 juli 2026 besloot de commissie als volgt:
-
-om naar aanleiding van de brief van de minister van I&W van 2 juli 2026 (31936, CC) op 8 september 2026 gelegenheid te bieden voor het leveren van inbreng voor nader schriftelijk overleg;
-
-om in te stemmen met het onderhands delen van de ruwe inbrengen met het ministerie van I&W (zodra ontvangen);
-
-om een mondeling overleg in te plannen met de minister van I&W over het LVB op maandagavond 28 september 2026 van 19:00 tot 22:00 uur, op voorwaarde dat het advies van de Raad van State op dat moment is gepubliceerd, en
-
-om de voorhangprocedure als beëindigd te beschouwen.
Het genoemde mondelinge overleg is inmiddels ingepland, onder voorbehoud van beschikbaarheid van het advies van de Raad van State.
Inbreng voor nader schriftelijk overleg
9.Mededelingen en informatie
Ontvangst Portugese parlementaire delegatie
Op dinsdag 29 september 2026 tussen 9:00 en 10:00 uur ontvangt de commissie I&W van de Tweede Kamer een Portugese parlementaire delegatie. De Portugezen brengen een werkbezoek aan de havens van Hamburg, Rotterdam en Brugge, en willen ook graag in gesprek met Nederlandse Kamerleden. Als onderwerpen van gesprek zijn genoemd modellen voor governance van havens, mobiliteit en logistieke oplossingen, technologische innovatie, best practices op milieugebied en stedelijke inpassing. Bij het gesprek in de Tweede Kamer zijn ook leden van de Eerste Kamer welkom. Aanmelden kan via cie.iw@tweedekamer.nl.
10.Rondvraag
11.Openstaande correspondentie
Ter herinnering: overzicht openstaande correspondentie
Overzicht openstaande correspondentie |
|||
|---|---|---|---|
Verzonden |
Onderwerp |
Reactietermijn |
Toelichting |
Verslagen |
|||
13 juli 2026 |
Implementatie herziening Richtlijn industriële emissies en de uitvoering van de PIE-verordening (36.864) - verslag |
4 september 2026 |
|
14 juli 2026 |
Wet toekomstbestendige huurcommissie (36.791) - tweede verslag |
4 september 2026 |
|
Brieven |
|||
18 november 2025 |
Voorhang instructieregel permanente bewoning recreatiewoningen |
16 december 2025 |
Aan de minister van VRO De commissie heeft op 7 juli 2026 verzocht om de openstaande vragen alsnog te beantwoorden. |
24 maart 2026 |
Kaderrichtlijn Water |
21 april 2026 |
Aan minister van I&W Ambtelijk gerappelleerd op 7 juli 2026 |
16 juni 2026 |
PBL-rapport stresstest kwetsbare gebieden |
14 juli 2026 |
Aan de minister van I&W |
16 juni 2026 |
Nadeelcompensatie voor vuurwerkbedrijven |
14 juli 2026 |
Aan de staatssecretaris van I&W |
14 juli 2026 |
brief over de Omgevingswet |
4 september 2026 |
Aan de minister van VRO |
Versie: 4 september 2026 |
|||
