De Eerste Kamer debatteerde dinsdag 16 juni met minister Boekholt-O'Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over de begroting voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening 2026. Dinsdag 23 juni stemt de senaat over het begrotingswetsvoorstel en de twee ingediende moties.
Senator Van Langen-Visbeek (BBB) sprak mede namens de Fractie-Walenkamp. Zij vroeg aandacht voor de uitvoerbaarheid en rechtmatigheid van deze begroting. Hoe zorgen we dat de 100.000 woningen waar het kabinet op stuurt ook echt gebouwd worden? De wooncrisis is een crisis van ongekende omvang. Daarom moet de schop in de grond, met oog voor maatschappelijk draagvlak. Het tijdelijk gedogen van wonen op vakantieparken zou kunnen helpen, zei Van Langen-Visbeek. Kan de minister toezeggen hierover in gesprek te gaan met gemeenten? Wat gaat de minister doen om de huurmarkt beter te organiseren? En is het mogelijk om particuliere investeerders en pensioenfondsen te laten instappen om broodnodige woningen te kunnen bouwen? Corporaties en bouwers zuchten onder regels voor flora en fauna. Wanneer worden die belemmerende regels opgeschort?
Namens de SP voerde senator Van Aelst het woord. Volgens haar is het een groot gemis dat het onderwerp dakloosheid niet voorkomt in de begroting. Dit terwijl dakloosheid een pijnlijk en groot maatschappelijk probleem is. Er is geen structurele financiering voor het Wonen Eerst-initiatief, wat iets zou kunnen doen aan dak- en thuisloosheid. Daardoor worden gemeenten en corporaties verantwoordelijk, alleen krijgen zij daar de financiering nu niet voor. Ook is het voor corporaties aantrekkelijker om duurdere woningen te bouwen. Welke acties zijn te verwachten vanuit het kabinet om meer goedkope woningen te realiseren? De financiële druk op corporaties neemt toe. Afschaffen van winstbelasting zou een goed begin zijn. Gaat het kabinet daarmee aan de slag? En welke acties neemt het kabinet tegen stijgende kosten voor onderhoud en verduurzaming en de rol van private equity?
Voor senator Van Kesteren (PVV) is de doelstelling van het kabinet om 100.000 woningen per jaar te bouwen niet werkbaar. Ondanks de miljarden in de begroting blijft de woningproductie achter op de doelstelling van 100.000 woningen per jaar. In een dichtbevolkt land als Nederland gaat het één ten koste van het ander. Inzetten op migratie, klimaat en stikstof heeft een tegenovergesteld effect, zei hij. Ook andere ministeries zullen een steentje moeten bijdragen in hun beleid om de woningbouwopgave op te lossen. Hoeveel woningen wil het kabinet nu echt bouwen? Welk deel van de begroting komt terecht bij nieuwbouw en welk deel bij verduurzamingsmaatregelen? En hoeveel extra sociale huurwoningen worden daadwerkelijk gerealiseerd vanuit de begroting?
Minister Boekholt-O'Sullivan zei dat er geen scenario's zijn die voor een enkele doelgroep goed uitpakken. Volgens haar is het 'enerzijds, anderzijds' en moeten de belangen van verschillende doelgroepen niet tegen elkaar worden uitgespeeld. De sector vraagt om stabiliteit en duurzaamheid van beleid. Daarbij wil de minister op zoek naar maatregelen die leiden tot een dak boven het hoofd voor iedereen, passend bij de leefsituatie.
De minister is in gesprek met de dienst Toeslagen over onrechtmatig uitgekeerde huurtoeslagen. Dit speelt vooral bij particuliere huurders, niet bij corporatiehuurders. Het huurregister zou in de toekomst kunnen helpen bij het oplossen van dit probleem. De minister zegde toe de Kamer op de hoogte te houden van de voortgang van de maatregelen. Verder is er uitvoerig gesproken over het al dan niet afschaffen van de Wet betaalbare huur. De minister staat voor die wet, ondanks dat een aantal onderdelen daarin niet goed uitpakken, met name voor middenhuurders. In juli 2027 komt er een evaluatie van deze wet.
De minister erkent de problematiek met de Europese ATAD-richtlijn (Anti-Tax Avoidance Directive) en de contraproductieve werking daarvan voor woningbouwcorporaties. Maar aanpassing van de regelgeving is nu niet mogelijk omdat er geen financiële dekking voor is. De oplossing moet komen vanuit corporaties en het Rijk gezamenlijk, maar de minister kan niet vooruitlopen op toekomstige besluitvorming hierover. De opdracht vanuit het coalitieakkoord is om 100.000 woningen per jaar te bouwen. De minister wil er alles aan doen om regeldruk te verminderen en die doelstelling te halen. Ze vindt het schrijnend dat, soms nog jonge mensen, in dakloosheid terechtkomen en gaat kijken hoe deze doelgroep in huisvestingsprogramma's terecht kan komen.
Er zijn moties ingediend:
Beide moties kregen het advies 'oordeel Kamer' van de minister.