Verslag van de vergadering van 2 juni 2026 (2025/2026 nr. 31)
Status: ongecorrigeerd
Aanvang: 16.48 uur
Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.
De heer Janssen i (SP):
Voorzitter, dank u wel. De SP wil graag waardering uitspreken voor het nemen van het initiatief voor dit wetsvoorstel. Ik wil de betrokken Tweede Kamerleden en voormalig Tweede Kamerleden nog een keer met naam noemen voor de Handelingen. Dank aan de initiërende Tweede Kamerleden Van der Laan, Van der Wouden, De Hoop, Kwint, Van Es en Van Nispen en de huidige Tweede Kamerleden Paulusma, Becker, Westerveld, Dobbe en Kostić. En uiteraard ook dank aan alle medewerkers, die hebben bijgedragen aan dit initiatiefwetsvoorstel. De leden Paulusma en Becker zijn hier vandaag om namens de Tweede Kamer het wetsvoorstel te verdedigen. Welkom. Ook welkom aan de minister natuurlijk als adviseur.
Voorzitter. Ik heb met veel belangstelling geluisterd naar de voorgaande sprekers. Veel relevante vragen zijn al gesteld. Dat is nu eenmaal zo als je wat verder achteraan in de rij staat. Iedereen deed dat met een eigen, soms heel bijzondere, invalshoek en op basis van een eigen afwegingskader. Dat is goed, hoezeer ik het ook met sommigen oneens ben.
Er zal vandaag niemand zijn die artikel 1 van onze Grondwet in twijfel trekt, waarin discriminatie wegens seksuele gerichtheid is verboden. Een andere seksuele gerichtheid dan heteroseksualiteit is in Nederland geen strafbaar feit. Dat is in sommige landen anders. Daar is homoseksualiteit strafbaar en staat er soms zelfs de doodstraf op. We zagen vorige week de berichten over Afrikaanse landen, waaronder Ghana. Dat is een reden waarom mensen vluchten en soms ook een reden waarom ze een veilige thuishaven in Nederland mogen vinden.
Voorzitter. Mijn bijdrage zal voornamelijk zoekend en verklarend zijn en minder vragend aan de initiatiefnemers. Ik heb mij bij de voorbereiding van dit debat de vraag gesteld hoe ik dit debat kan voeren, zonder in de geloofsovertuigingsdiscussie te belanden over een religieuze scheppingsorde en over het vanuit die overtuiging nastreven van "heelheid". Voor mij staat dat woord tussen aanhalingstekens. Ik wilde geen discussie over het zien van niet-heteroseksueel als "gebroken" of "onvolledig", waar een oplossing voor moet worden gevonden. Die discussie wil ik niet voeren, want daar worden wij het toch niet over eens.
De discussie die ik zie, gaat over grondrechten. Grondrechten gaan onvermijdelijk gepaard met grenzen. De vraag is waar je die grens legt: vandaag en ook in de toekomst. Artikel 1 verbiedt immers nadrukkelijk discriminatie vanwege seksuele gerichtheid. Er is in seksuele gerichtheid, of genderidentiteit, voor de wet geen rangorde. Er is geen beter of slechter. Er staat alleen dat iedereen voor de wet gelijk is en niet gediscrimineerd mag worden.
Het is dus om religieuze redenen dat er conversietherapieën bestaan. De vraag is dan waar de grens ligt van het begrip "helpen" vanuit religieuze overtuiging. Voor de goede orde: "helpen" staat bij mij tussen aanhalingstekens, als het gaat om helpen met de intentie om iemand van homoseksualiteit te "genezen" of te "verlossen".
Wat moet er dan onder dat "helpen" worden verstaan? Ik begrijp de problemen met de afbakening van de handelingen die met dat "helpen" worden uitgevoerd. Ik begrijp die problemen goed. Er is niemand die iemand die in geestelijke nood verkeert hulp zou willen ontzeggen. Natuurlijk kan dat ook een pastoraal gesprek zijn, of een gesprek met iemand anders uit je omgeving of je gemeenschap. Dat kan natuurlijk ook een geloofsgemeenschap zijn als je daar onderdeel van bent. Maar als die hulp er alleen op gericht is om iemand op voorhand van zijn homoseksualiteit of genderidentiteit te "verlossen" of "genezen", dan is dat wat de SP betreft ongewenst. Daarmee wordt de geestelijke nood niet verzacht en gelenigd, maar eerder verdiept, met alle mogelijke gevolgen van dien. Dat is een belangrijke reden dat ik blij ben dat de SP mede-indiener is van dit wetsvoorstel om conversiehandelingen te verbieden.
En ja, dan komen we bij het vraagstuk van de afbakening en de grenzen, en bij de vaststelling dat die afbakening en die grenzen misschien niets anders zijn dan een lijn die op dit moment slechts met een potlood te trekken is, omdat heel veel zal afhangen van de invulling van wat wel en niet is toegestaan. Zoals met alle grondrechten is er geen harde lijn te trekken. Daarom hebben we vandaag het debat. Met elkaar duiden we in dat debat met de initiatiefnemers en de minister voor de wetsgeschiedenis waar wij die lijn zien, ook al is die in potlood. Anders dan sommigen, die vanuit eigen religieuze overwegingen redeneren, denk ik namelijk dat harde grenzen niet te vinden zijn. Grondrechten kennen per definitie een periferie, die bij het ene grondrecht wat ruimer kan zijn dan bij het andere. Dat is kenmerkend voor grondrechten. Maar het uitgangspunt bij grondrechten moet toch voor iedereen zijn dat ze beschermd moeten worden. Tot slot is mijn vraag daarom aan de initiatiefnemers en de minister of zij zelf van mening zijn dat dit wetsvoorstel tekort zou schieten omdat er geen harde grenzen te trekken zijn. Of zijn de initiatiefnemers en de minister het met de SP-fractie eens dat het doel van de wet voldoende duidelijkheid geeft?
Voorzitter. In het beginselprogramma van de SP staat dat wij ons inzetten voor de waardigheid van ieder mens. Vanuit die opdracht aan mijzelf en aan mijn fractiegenoten vinden de initiatiefnemers steun bij de SP-fractie voor dit wetsvoorstel, dat tot doel heeft de strafbaarstelling van conversiehandelingen die gericht zijn op het veranderen of onderdrukken van de seksuele gerichtheid of genderidentiteit tot de heersende norm.
Ik kijk uit naar het vervolg van het debat. Dank u wel.
De voorzitter:
Ik dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de heer Nicolaï van de Partij voor de Dieren.