Mondeling overleg
Datum: 5 oktober 2026
Aanvang: 18.30 uur
Sluiting: 20.00 uur
Locatie: commissiekamer 1
Voorzitter: Van Ballekom
Griffier: Karthaus
Status: Ongecorrigeerd
Verslag van een mondeling overleg
De vaste commissie voor Financiën heeft op 5 oktober 2026 overleg gevoerd met de heer Eerenberg, staatssecretaris van Financiën, en de heer Heinen, minister van Financiën, over Voortgang aanpassing box 3-stelsel.
De voorzitter van de vaste commissie voor Financiën,
De griffier van de vaste commissie voor Financiën,
Karthaus
Voorzitter: Moonen
Griffier: Karthaus
Aanwezig zijn elf leden der Kamer, te weten: Van Apeldoorn, Bakker-Klein, Van Ballekom, Baumgarten, Crone, Griffioen, Hartog, Van der Linden, Moonen, Van Rooijen en Van Strien,
en de heer Eerenberg, staatssecretaris van Financiën, en de heer Heinen, minister van Financiën.
Aanvang 18.31 uur.
Aan de orde is de behandeling van:
- het wetsvoorstel Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 om werkelijke inkomsten uit bezittingen en schulden in box 3 te belasten (Wet werkelijk rendement box 3) (36748);
- de brief van de minister en staatssecretaris van Financiën over voortgang aanpassing box 3-stelsel (36748, letter Q);
- de brief van de minister-president en de minister en staatssecretaris van Financiën over de voorstellen op box 3, koopkracht werkenden en sociale zekerheid (37020/36748, letter B) (36748/37020, letter B).
- bijlage - tabellen budgettaire gevolgen en dekkingsopties;
De voorzitter:
Ik heet van harte welkom minister Heinen en staatssecretaris Eerenberg. Ik denk dat het heel goed is dat we hier vanavond zijn. Het was een nadrukkelijke wens van onze commissie, een breed gedragen wens, om voor de APB en na de Algemene Financiële Beschouwingen in de Tweede Kamer te spreken over box 3 en een aantal andere kwesties. Ik begrijp dat de heer Van Ballekom zo binnenkomt. Ik zal het voorzitterschap dan aan hem overgeven, want hij is onze voorzitter.
De procedure voor vanavond is dat de minister en de staatssecretaris eerst de gelegenheid krijgen om de brief die zij hebben gestuurd, toe te lichten. Daarna zullen we een ronde doen langs alle commissieleden. Het verzoek aan eenieder is om te proberen de vraag kort in te leiden, zeg maar in maximaal twee minuten. Het verzoek is dus om niet een beschouwing of monoloog te houden, maar om vrij snel tot de kern van de zaak te komen en de vraag te stellen. Dan kunnen we tenminste alle partijen vanavond aan het woord laten. Ik denk dat dat heel belangrijk is, ook om zaken mee te kunnen geven aan de minister en de staatssecretaris. Het eindtijdstip is uiterlijk 20.00 uur, en als het kan zijn we eerder klaar. Dat zou ook nog kunnen.
Kijk, daar komt onze zeer gewaardeerde voorzitter aan!
De heer Van Ballekom i (VVD):
Dank je wel. Je hebt de honneurs waargenomen!
De voorzitter:
Ja! Iemand moet de honneurs waarnemen.
De heer Van Ballekom (VVD):
Jeetje, dan ben ik van de haak …
De voorzitter:
Nee, nee, u gaat het overnemen! We wachten nu op de inleiding van de minister en de staatssecretaris.
Voorzitter: Van Ballekom
Staatssecretaris Eerenberg:
Voorzitter. Als ik zo vrij mag zijn: wij hadden afgesproken dat ik daarmee zou beginnen. Dat faciliteert allicht bij u een kleine wissel van de voorzitter.
Waar waren we ook alweer gebleven met elkaar? Sowieso hartelijk dank voor de uitnodiging om hier gezamenlijk vanavond te zijn. We waren voor u allicht gebleven bij het laatste schrijven van het kabinet waarin wij zeiden: we willen naar vermogenswinst en zo snel als mogelijk, maar we zien verschillende routes om daar te komen. In die brief hebben wij uw senaatscommissie gevraagd om mee te denken. Maar inmiddels heeft u natuurlijk gezien en vernomen dat wij als kabinet de keuze hebben gemaakt voor een van die vier routes. Dat is de bekende route 4, of scenario 4. Daarbij brengen we, via een novelle, alle waardepapieren versneld naar vermogenswinst.
Velen van u hebben in het lange en overigens ook fijne debat dat ik met u voor de zomer heb gehad, het kabinet gemaand tot spoed, zo van: kies een route die zo snel als mogelijk naar vermogenswinst gaat. Deze route voldoet daaraan. In zekere zin ben ik blij — voorzitter, ik hoop dat u het mij permitteert — dat de huidige wet nog steeds bij uw Kamer ligt. We hebben daar voor de zomer natuurlijk flink over gedebatteerd met elkaar. Het feit dat die er nog ligt, maakt deze versnelde route ook mogelijk. Want anders zou zo'n route via een novelle uiteindelijk niet kunnen.
Waar staan we nu? De novelle ligt bij de Raad van State. Het is uiteraard aan hen, maar wij hebben ze verzocht om een spoedadvies daarop van toepassing te verklaring. Wij verwachten dat eind oktober retour. Wij gaan dan weer als razende roelands ons werk doen, omdat we met buitengewoon weinig tijd ook zullen moeten bekijken wat we doen met het advies. Ongeveer gelijktijdig zal de Belastingdienst aan een uitvoeringstoets werken; daar ga ik straks nog één zin extra over zeggen. Wij zetten dan alles op alles om begin november het afgebakken pakket naar de Tweede Kamer te kunnen sturen. Ook daar zullen we partijen manen tot spoed, wetende dat veel partijen zelf gezegd hebben: wij willen zo snel als mogelijk. Wij verwachten dus ook dat dat in goede aarde zal vallen, al is het altijd aan het parlement; dat beseffen wij zeer goed. Vanaf dan kan het meelopen in de reguliere behandeling van het Belastingplan.
Wat doen wij ondertussen? We kijken opnieuw naar de dekking, naar aanleiding van het Kamerdebat dat we vorige week hebben gehad. Die discussie vraagt nog wat tijd en gepuzzel. U kent ons volgens mij als bewindspersonen die dat in ieder geval heel leuk vinden om te doen, maar we hebben er in ieder geval voor gezorgd dat die novelle er niet op hoeft te wachten. Want anders zouden we dat pad van spoed niet kunnen waarmaken met elkaar.
Tot besluit, de gekozen route. Dat gaat dus om scenario 4. Ik heb bij de Algemene Financiële Beschouwingen gezegd: "We hebben lang op de box 3-rotonde gezeten met elkaar. We nemen nu de afrit van die rotonde, maar de weg die we gaan volgen, zal ook nog wel met een paar uitdagingen bezaaid liggen." Dat gaat niet alleen over de uitvoering, maar ook over de gegevenslevering van banken. Ook daar lopen we niet voor weg. Daar moeten we ook eerlijk en transparant over zijn. Bij dezen. Maar onze houding is dat we de komende tijd gaan bekijken wat we met al die uitdagingen kunnen doen en hoe we die zodanig een plekje kunnen geven dat je in 2028 ook voor waardepapieren naar vermogenswinst kunt gaan. U heeft, denk ik, al voldoende zelf kunnen lezen en bestuderen over wat dat allicht van het doenvermogen van onze belastingplichtigen vraagt. Laten we de komende tijd dan ook alsjeblieft met elkaar benutten om te bekijken hoe we dat kunnen verbeteren.
Tot besluit wil ik nog zeggen dat ik uw senaat in ieder geval heb leren kennen als zeer betrokken en kundig op dit onderwerp. Ik weet ook dat senatoren graag met suggesties komen. In die zin kijk ik ook zeer uit naar dit overleg, om die suggesties weer van u te mogen ontvangen.
De voorzitter:
Dank u wel. Nogmaals mijn excuses dat ik twee minuten te laat was. Wil de minister nog iets toevoegen aan het exposé van de staatssecretaris? Dat is niet het geval. Dan stel ik voor dat u gewoon uw vragen afvuurt. Ik begin met mevrouw Bakker, als u dat niet vervelend vindt.
Mevrouw Bakker-Klein i (CDA):
Nee, hoor. Dank u wel. Ik kijk even naar de status van dit overleg. We krijgen straks de behandeling van een novelle, waarbij we een heleboel inhoudelijke vragen kwijt kunnen. Toch even één inhoudelijk punt. We gaan nu helemaal naar een vermogenswinstbelasting. Dat is scenario 4. We zijn heel blij dat dit gelukt is. Ik denk dat de Eerste Kamer hier bijna Kamerbreed om heeft gevraagd. Het gebeurt op een heel kleine groep na. Ik heb begrepen dat dit gaat om zo'n 10% van de opbrengsten. Dat gaat om de mensen die in crypto beleggen. Hoe wordt onderzocht — ik vraag me af of dit ook wordt meegenomen bij de Raad van State — of dit juridisch kan en of je dit onderscheid mag maken? Hoe verhoudt zich dat tot Europese regels, of tot onze eigen beginselen van wetgeving? Ik denk dat we dat wel nodig hebben om daar een goed oordeel over te hebben.
Ik had ook een vraag over de procedure, maar die heeft u net heel goed toegelicht.
Ik heb wel een zorg. Als Eerste Kamer hebben we geprobeerd te voorkomen dat deze wet tegelijk met het Belastingplan behandeld zou moeten worden. Dat lijkt nu toch het geval te gaan worden. Ik wil graag van u horen wat de mogelijkheden zijn. Ik neem sowieso aan dat het gaat om een aparte wet, dus dat we hier iets van kunnen vinden, en ook apart van het Belastingplan; de motie-Hoekstra, zeg maar. Is het mogelijk om deze wet op een ander tijdstip dan het Belastingplan te behandelen?
Dat waren mijn vragen.
De voorzitter:
Zullen we eerst de ene helft van de zaal pakken en vervolgens de andere helft? Mevrouw Van der Linden.
Mevrouw Van der Linden i (VVD):
Dank u wel, voorzitter. Dank aan de minister en de staatssecretaris dat ze hier vanavond willen zijn, in dit prille stadium van dit interessante wetsvoorstel. Mijn fractie heeft steeds gezegd dat het belastingstelsel niet alleen juridisch houdbaar moet zijn, maar dat het ook begrijpelijk, uitvoerbaar en economisch verstandig moet zijn. Belasting over winst die alleen op papier bestaat, voldoet daar niet aan. De keuze voor de snelle route naar vermogenswinstbelasting steunen wij dan ook van harte. Juist daarom moet deze route wel slagen. Na jaren van wisselende regels sinds het kerstarrest, mag een nieuw stelsel niet opnieuw tot onzekerheid leiden. De rekening mag ook niet terechtkomen bij mensen die verstandig hebben gespaard. Dit onderwerp is natuurlijk al veel aan de orde geweest. Wij rekenen er ook zeker op dat de nieuwe grens de kleine spaarders ontziet, minister, met een structurele dekking. Het wetsvoorstel ligt sinds vrijdag bij de Raad van State, maar zonder die dekking. Banken kunnen geen gegevens leveren. De staatssecretaris noemde dat al. Hoe de startwaarde van bestaande beleggingen wordt bepaald, is ook nog niet helemaal duidelijk, althans, niet toen ik de stukken las die er nu liggen. Mijn vraag is daarom: kunnen de bewindspersonen toezeggen dat de Raad van State het volledige pakket beoordeelt, inclusief de definitieve dekking, dat dit advies en de uitvoeringstoets bij deze Kamer liggen vóór de plenaire behandeling, en dat de startwaarde en de kostprijsmethode in de wet zelf worden geregeld?
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Meneer Van Rooijen.
De heer Van Rooijen i (50PLUS):
Voorzitter. In de eerste plaats een compliment aan het kabinet dat het uiteindelijk met een besluit is gekomen, en zowaar eensgezind. Ik hoop dat die eensgezindheid er ook is over de dekking, want als die daar ophoudt, hebben we uiteindelijk niks en zijn we weer terug bij af. Ik ben met name heel blij dat met het besluit om met de novelle voor scenario 4 te komen de motie-Van Rooijen van december '23, dus van drie jaar geleden, wordt uitgevoerd. Het heeft een tijd geduurd, maar beter laat dan niet.
Dank voor de informatie over het tijdschema. Ik had begrepen dat de novelle er al heel snel zou zijn, binnen twee weken na vrijdag, maar ik begrijp nu dat het ruim drie weken wordt, eind oktober, en dat de novelle pas begin november bij de Tweede Kamer komt. Dat wordt voor de Tweede Kamer een hell of a job, want het zou 12 november al bij de Eerste Kamer komen. Dat gaat, denk ik, schuiven. De vraag is dus even hoe we dat gaan redden.
Ik sluit me aan bij de vragen van Janny, de collega van het CDA, over hoe het nou zit met de procedure. Ik heb in april bij de kennismaking met de staatssecretaris — dat was, na de tekentafel van de minister, gelijk een inhoudelijk gesprek — ervoor gepleit om de novelle en de dekking los te houden van het Belastingplan. Daar heeft het namelijk geen bal mee te maken. Janny noemde al de motie-Hoekstra; die heb ik op de slaapkamer boven mijn bed hangen. Die ligt er niet onder! Box 3 is een eigenstandig wetsontwerp en daar hoort een dekking bij. Dan kunnen we dat dus ook snel behandelen. Wij willen natuurlijk ook dat de novelle met de dekking tijdig wordt behandeld, dus voor kerst. Maar eigenlijk moet het voor 15 december, want dan stemmen we over het Belastingplan. Als we het apart willen doen, moeten we eigenlijk eerder over de novelle stemmen. Maar dat wordt dus een hell of a job.
Ik zei de vorige keer al dat de Eerste Kamer geen parkeerplaats is. Met andere woorden, het gaat geen halfjaar duren. Het ligt nu hier voor. Mijn vraag is nog wel of het besluit definitief blijft ook na een debat in de Tweede Kamer.
Ten slotte, voorzitter. In de dekking is aangegeven een tariefverlaging box 2 van 1,8%. Ook dat is de uitvoering van een overigens aangehouden motie-Van Rooijen van eind juli; dat is wel heel bijzonder. Maar mijn fractie zou willen vragen of dat niet wat extra kan worden verhoogd. Ik verwijs naar de motie-Van Eijk, mede gesteund door CDA en JA21, die vorige week in de Tweede Kamer is ingediend en die morgenmiddag in stemming komt. De vraag is dus of het kabinet bereid is het nog verder te verhogen, want excessief lenen is ook een dekkingsmaatregel. Als excessief lenen wordt belast, zou je met een forse verlaging van het tarief van de dividendbelasting de belasting kunnen betalen. Dan sla je dus twee vliegen in één klap.
Helemaal ten slotte, voorzitter, nog één ding. Ik begrijp de twijfels erover en wat je ook vindt van de tariefverlaging box 2 dividendbelasting en of er nou dekking is of niet, het — ik kijk met name naar de minister — verlaagt in ieder geval het financieringstekort met 0,5% tot 1%. En dat is kassa!
De voorzitter:
Ik neem aan dat de heer Griffioen namens D66 … Dan is de heer Kroon nu aan de beurt.
De heer Kroon i (BBB):
Dank u wel, voorzitter. Fijn dat u er beiden met uw ambtenaren bij bent vandaag. Ik wou beginnen met een compliment. Uiteindelijk kiest het kabinet voor route 4 en dat is, zoals eerder werd gezegd, een breed gedragen route hier. Die doet ook recht aan de motie-Vermeer in de Tweede Kamer, dus daar heeft u onze steun.
Ons doel vandaag is om helderheid te krijgen over de route en de timing van het wetsvoorstel, dat hier al een tijdje ligt, eigenlijk om de parkeervergunning te kunnen uitgeven, om het in termen van de heer Van Rooijen te zeggen. Nou ja, de vergunning uitgeven of de boete opheffen: het is maar hoe je ernaar kijkt.
Ik zou u een paar opmerkingen van mijn fractie willen meegeven. Ergens begin dit jaar heb ik aangegeven dat het wellicht wenselijk zou zijn om dit wetsvoorstel in een meer consultatief proces te behandelen dan alleen in een goedkeurend proces. Ik neem daarom de gelegenheid te baat om gratis advies te geven, om het zo maar even te noemen.
De eerste vraag die ik daarbij heb: waarom is gekozen voor zo'n beperkte vrijstelling voor burgers in box 3? Ik denk dat het vanuit maatschappelijk perspectief verantwoord is om mensen een vermogen op te laten bouwen om tegenslagen in het leven het hoofd te kunnen bieden. Als je dat doet, is €50.000 per belastingplichtige helemaal geen excessief bedrag, of €2.000 vrijgesteld vermogen, zo u wilt, met een forfaitair rendement van 4% op die €50.000. Dat zou wat ons betreft getuigen van meer maatschappelijk invoelingsvermogen.
We zijn positief over het terugdringen van excessief lenen voor dga's vanuit een vennootschap. U kunt over het traject nog van mening verschillen, maar de vraag is hoe haalbaar het ingroeimodel dat er nu ligt is voor de gemiddelde dga of alle dga's. Dat heeft ook een relatie met het punt dat de heer Van Rooijen al aankaartte, namelijk de dividendvrijstelling die in het plan zit. Een incentive van 1,8% om je dividend eerder uit te keren, is niet echt een incentive. De belastingdruk voor een dga is nu de vpb plus de dividendbelasting. Dat is meer dan 56%. Ik denk dat dga's heel graag wat meer dividend uitkeren, maar daar dan een grotere incentive voor zouden moeten krijgen. Moet het dan vier jaar? Nee, dat hoeft niet vier jaar. Als u het goed regelt, kunt u dat ook in twee jaar doen. Dat past u wellicht ook. Wij denken dan aan twee jaar 5% in plaats van vier jaar 1,8%. Minstens zo effectief, en ook echt een incentive.
We begrijpen niet waarom de minister op dit moment nog niet de mogelijkheid heeft genomen om de weeffout in de voorliggende wet betreffende het consumptieve krediet te herstellen. Er is altijd kabinetsbeleid gericht geweest op het beperken van consumptief krediet. Nu is in het voorliggende wetsvoorstel, dus niet in het voorstel dat u vorige week gedaan heeft, maar het stuk dat al een tijdje bij ons ligt, consumptief krediet 100% aftrekbaar van het vermogen in box 3. Was dat nou wel de bedoeling? Is er ook niet een mogelijkheid om het consumptief krediet binnen het vermogensdomein te gebruiken als een financieringslast en het maar beperkt aftrekbaar te laten zijn? Dan even met maatschappelijk invoelingsvermogen: ik denk dat €25.000 per belastingplichtige of €50.000 voor een gezin een prima drempel is, zodat iemand in tijden van tegenspoed zich met schulden uit die tegenspoed kan halen, zonder dat we aanjagen dat er belegd wordt met vreemd vermogen. Dat geldt overigens wat ons betreft niet voor hypotheken in box 3, ook niet voor verhuurd vastgoed.
Wij delen de opinie ...
De voorzitter:
Wilt u afronden, meneer Kroon?
De heer Kroon (BBB):
... die u eerder hoorde over het ...
De voorzitter:
Meneer Kroon, wilt u afronden?
De heer Kroon (BBB):
Ik ben in mijn laatste zin, voorzitter.
Wij delen de beoordeling van de sprekers hiervoor dat we het niet zouden willen vermengen met het Belastingplan. Het is een eigenstandig wetsvoorstel met een eigen dekking.
Zo eerst maar. Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Ik had begrepen dat mevrouw Moonen zei dat het heel goed zou zijn om het te beperken tot twee minuten, maar dat is een hele uitdaging. Meneer Baumgarten, aan u het woord.
De heer Baumgarten i (JA21):
Ik snap de hint, meneer de voorzitter. Ik wil de bewindspersonen ook complimenteren met het feit dat er nu wel een keuze gemaakt lijkt te zijn. Een paar weken geleden trof mij toch wel de brief waarin de vier scenario's werden geschetst. Toen dacht ik bij mezelf: wat moeten wij hier nu van vinden? Ik ben in ieder geval blij dat er een keuze wordt gemaakt. In de discussie helpt het niet — dat geef ik de bewindspersonen maar even gratis mee — dat aan de ene kant techniek en wellicht ook rechtvaardigheidsgevoel en aan de andere kant de dekking door elkaar lopen. Ik geef de bewindspersonen maar even mee dat de dekkingsdiscussie de zuiverheid van de keuze misschien echt wel vertroebelt. Dat lijkt me niet verstandig. Dat geef ik dus maar even mee.
Ik heb een heel concrete vraag. Wanneer zouden crypto's en andere waardepapieren, die nu niet per het beoogde jaar 2028 onder vermogenswinst vallen, heel concreet wel onder de vermogenswinstregeling vallen? Als het om de dekking gaat, geef ik de bewindspersonen als suggestie mee om ook nadrukkelijk te kijken naar de onderuitputting van de tegenbewijsregeling.
Dat is even wat ik tot nu toe wil inbrengen. Dank u.
De voorzitter:
Dank u wel. Meneer Griffioen.
De heer Griffioen i (D66):
Voorzitter, dank. De minister en de staatssecretaris hebben samen met de minister-president een brief ondertekend waarin meteen al staat dat er een megastap is gemaakt. Dat is scenario 4. Ook wij ondersteunen dat van harte. Maar er zijn ook nog twee andere megastappen te maken. Een daarvan is de planning, die wij in de loop van dit korte jaar, tot 1 januari, nog moeten doen, om het mogelijk te maken dat het op 1 januari '28 ingaat, en de zorgvuldigheid die wij in deze Kamer eigenlijk ook willen betrachten bij het wetsproces. Ik heb de staatssecretaris vaak horen zeggen, en ook zien schrijven, dat zorgvuldigheid belangrijk is, maar tijdigheid ook. De eerste vraag is of u ook daadwerkelijk voor elkaar zou kunnen krijgen dat u, als u met een voldragen plan komt, die zorgvuldigheid hebt betracht, zodat wij er als Kamer ook echt mee verder kunnen.
Ik heb nog een andere vraag. Ik citeer even de minister, die op 19 september in het FD zei: "We gaan de dekking in het domein van box 3 zoeken". Ik vraag nadrukkelijk of dat op dit moment ook nog de bedoeling is.
Verder ondersteunen wij wat sommige voorgaande sprekers hebben gezegd: 1,8% voor box 2 is wel heel weinig. Misschien moeten we daar ook eens even naar kijken.
Even tot zover, voorzitter.
De voorzitter:
Dank je wel. Meneer Van Strien.
De heer Van Strien i (PVV):
Dank je wel, voorzitter. Op de eerste plaats mijn excuses, voorzitter, zowel aan u als aan de minister en de staatssecretaris, voor het feit dat ik wat te laat was. De file was deze avond erg lang, helaas. Het zou natuurlijk zo kunnen zijn dat de minister en/of de staatssecretaris in de tijd dat ik er nog niet was mijn vragen al beantwoord hebben, maar ik ga er even van uit dat dit niet het geval is. Mocht dit wel het geval zijn, dan slik ik ze alsnog in.
Ik wil eerst toch één punt kwijt. Voortdurend, bij allerlei alternatieven die gepresenteerd worden, wordt gesproken over inkomstenderving c.q. dekking die gezocht moet worden. Daarbij wordt inkomstenderving gepresenteerd tegenover het referentievoorstel, waarbij de middengroepen maximaal worden uitgeknepen. Ik vind dat nogal onbehoorlijk. Het zijn nadrukkelijk de middengroepen die met box 3 gepakt worden, want de allerrijksten zitten in box 2. Met andere woorden, de gaten in de begroting door een ander stelsel heeft de regering zelf gecreëerd door te beginnen met een voorstel waarmee de belastingbetaler maximaal wordt uitgeknepen.
Ik heb daarom nog een belangrijke vraag. De regering streeft inmiddels naar een vermogenswinstbelasting. Dat waardeert mijn fractie zeer. Mijn vraag is nu: geldt dat nu gelijktijdig voor alle vermogenscomponenten, of — ik hoorde daarstraks al een mogelijke uitzondering — blijven er dan toch een aantal uitzonderingen waarvoor het nog jaren duurt eer die zaak geregeld wordt op basis van vermogenswinstbelasting? Dat is mijn belangrijkste vraag op dit moment.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Wie van de bewindslieden? Meneer Eerenberg.
Staatssecretaris Eerenberg:
Voorzitter, dank. Dank voor de vragen uit de eerste helft van vanavond. Dan gaan we zo met goed gemoed de rust in wat mij betreft, voorzitter.
Een paar keer kwam de vraag terug: hoe ziet de planning er nou uit? Die planning hebben we natuurlijk eigenlijk met elkaar gedaan, zeg ik dan maar even als ik zo vrij mag zijn. Ik kan niet wegnemen dat we, als we met elkaar zeggen dat we de snelst mogelijke route willen, de deadline strak te respecteren hebben. Het CDA vroeg of het ook in januari zou kunnen, maar dan halen we het niet meer om het in 2028 in te laten gaan; dat halen we dan sowieso niet meer. Deze novelle stelt natuurlijk ook een grotere vraag aan partners, bijvoorbeeld de banken, maar ook IT-leveranciers en noem het maar op. Als u het met zijn allen steunt dat we tempo gaan maken, dan moeten we er ook met elkaar nu gewoon voor zorgen dat ... Ik besef dat het een grote vraag is en dat u ook nog wat anders doet in uw leven; dat besef ik zeer. Maar het zal betekenen dat we elkaar in november en december relatief vaak zullen zien. Dat is, denk ik, de enige manier om het te laten werken.
Dan de vraag: is dat dan bij het Belastingplan? Daar is het antwoord ja op. Het is aan u, maar ik denk dat dit u allicht helpt omdat we elkaar dan toch al vaak zien. We kunnen het er dan over hebben. Het is een losse novelle, dus u kunt daar los over beraadslagen en los over besluiten. Ik heb goed de wens over de dekking in de novelle gehoord. Hoekstra kwam inderdaad meerdere keren voorbij, zowel vanavond als in de eerdere debatten die we met elkaar gevoerd hebben. Dat is ook het vertrekpunt van het kabinet. We zitten nog volop te puzzelen, maar dit is zeker het vertrekpunt.
Dan: hoe zit het met crypto? Dat werd een paar keer genoemd, zowel door het CDA en JA21 als de PVV. We hebben nu eigenlijk een tweetrapsraket. U krijgt eerst de novelle. Achter de novelle komt een wet vermogenswinst aan. Ook dat gaan we met heel grote spoed doen. Daarbij staat de tijdsplanning op 2030. Dat is een heel snel maar regulier wetstraject. We kunnen nu eenmaal met die novelle niet alles doen. Die novelle grijpt namelijk in op de uitzondering die er al in de voorliggende wet zit voor start-ups en scale-ups. Die uitzondering veranderen we met de novelle voor alle waardepapieren. Ik kan niet langs die route ook andere elementen zoals crypto — er zijn ook andere voorbeelden te noemen — via de novelle aan dat haakje hangen. Dat zal dus via het reguliere wetstraject moeten gaan. Dat is gewoon even wat het is. Dat is in zekere zin de prijs die we met elkaar betalen, maar als ik u was zou ik dat vooral positief duiden, want het betekent vooral dat je de grote groep mensen die zich volgens mij ook bij u in de mailbox heeft gemeld als het gaat over hun waardepapieren wel per 2028 ten dienste kan zijn.
Dan: snelheid of zorgvuldigheid? Dat kwam ook een paar keer langs. Natuurlijk gaan we ons uiterste best doen om de zorgvuldigheid altijd tot het maximale te waarborgen, maar u merkt aan mijn beantwoording dat we nu echt voor snelheid kiezen. Dat betekent dat extra stappen, dus bijvoorbeeld nog een keer terug naar de Raad van State voor de dekking, niet gaan lukken. Dan halen wij 2028 niet meer met elkaar. Dus ja, wij gaan ook heel zorgvuldig om met wat er straks uit de uitvoeringstoets gaat komen. En ja, we gaan heel zorgvuldig om met wat er uit het advies van de Raad van State moge komen — niemand die dat nog weet. Maar het proces is er echt op gericht dat we voordat we onder de kerstboom zitten een besluit hebben genomen met elkaar, want dan halen we 2028.
Dan zijn er een aantal suggesties gedaan, of dat nou over consumptief krediet of een andere maatvoering bij box 2 gaat. Allicht dat de minister er nog wat over gaat zeggen. Bij heel veel van die suggesties waardeer ik het altijd dat u zo fijn meedenkt, maar wij zitten echt nog midden in de fase dat we daarnaar aan het kijken zijn.
Daarmee, voorzitter, denk ik dat ik de kern van de vragen beantwoord heb. Misschien kan ik nog één extra zinnetje zeggen over het juridisch kwetsbare onderscheid tussen crypto en niet-crypto. De novelle valt straks in de wet en zal natuurlijk maar een paar jaar geldig zijn. Wij denken dat er ook een redenatie te bouwen is dat een aantal van de dan niet onder vermogenswinst vallende bezittingen ook echt een ander type bezittingen is. Het is wel een ander onderscheid dan in de wet staat zoals die nu in uw Kamer ligt, want daarin was er een strakke lijn langs liquide en illiquide. Dit is een andere lijn. Tegelijkertijd: vanaf 2030 ligt er een wet die het voor het geheel regelt.
Dat was mijn blokje wat mij betreft, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel. De minister.
Minister Heinen:
Dank u wel. Er waren nog een aantal vragen gesteld, onder anderen door mevrouw Van der Linden, de heer Van Rooijen en de heer Griffioen, over de dekking in box 3. Laat me eerst ingaan op welke spaarders wel en niet onder het nieuwe systeem vallen. Daarover hebben we in de Tweede Kamer aangegeven dat we de grens waarmee we dachten het pakket rond te kunnen maken, niet gaan doen. Waar komt die nou vandaan? We hebben gezegd, precies zoals de heer Griffioen ook al zei, dat we de dekking zoeken binnen het domein. We hebben gekeken naar de vrijstellingsgrens en naar daarbij teruggrijpen naar het niveau waarop we zaten in 2020-2021, zowel voor het heffingsvrij vermogen als het heffingsvrij rendement. Dat is dus een nieuwe systematiek. In het huidige box 3-stelsel gaat het om een heffingsvrij vermogen. In het nieuwe stelsel gaan we naar het werkelijk rendement en wordt het een vrijstelling op basis van rendement. Als je dat met elkaar vergelijkt en er wordt gerekend met 2% rente, zou een grens van €1.000 overeenkomen met €50.000. Met 1% rente is het €100.000 per persoon. Voor stellen die spaargeld op een spaarrekening hebben, zal het dus veel meer zijn. Maar het is waar: als je belegt, heb je een hoger rendement. Het is dus relatief lager. Bij 4% heb je dan €25.000 vrijstelling. Wij dachten het geheel rond te kunnen maken door naar het niveau van 2020-2021 terug te grijpen. In onze beleving waren er toen weinig debatten over dat daar kleine spaarders in zouden vallen. We hebben gecommuniceerd dat we van vermogenswinst weg moeten bewegen naar het reëel belasten van rendementen. Ik snap heel goed dat er bij die voorstellen een nieuw element kwam, namelijk dat de vrijstellingsgrens ineens naar beneden gaat. Maar dit is één onderdeel van het totale pakket. Wij voelen steun voor de contouren van het hele pakket, maar dit onderdeel wordt 'm niet; dat hebben we ook al aangegeven. Dat betekent wel dat we opnieuw moeten berekenen hoe dat ingepast zou kunnen worden. U geeft mij al een aantal suggesties mee en die nemen we allemaal mee. Zodra het van de Raad van State terugkomt, kunnen we dit onderdeel aanpassen, maar er zijn ook onderdelen die wel op steun kunnen rekenen. Zo hopen we het steeds dichterbij te brengen.
De voorzitter:
Dank u wel. Ik kijk naar links.
De heer Van Rooijen i (50PLUS):
Ik heb een vraag over het hoger tarief. Ik dacht dat de minister daar iets over wilde zeggen in verband met een lager financieringstekort.
Minister Heinen:
Het is waar: hoe groter de korting op het box 2-tarief, hoe groter het anticipatie-effect dat je kan verwachten. Maar ik heb in de Tweede Kamer ook aangegeven dat ik de verantwoordelijkheid voel voor een enigszins stabiele saldo-ontwikkeling. Op het moment dat je de omvang van een tarief verlaagt, heb je een groter gedragseffect. Dan komt er op korte termijn meer geld binnen, maar dat geld krijg je later niet. Dan ga je naar dat golfslagbad. Daarvan zei ik: ik wil dit bootje wat meer naar rustigere wateren varen, waar het wat betreft de inhoud en het proces rustiger verloopt. Hoe hoger je het tarief aanzet, hoe meer golfbewegingen. Dan heb je op korte termijn een positief effect, maar op de wat langere termijn, na de kabinetsperiode, een groter negatief effect. Je probeert dat natuurlijk zo veel mogelijk plat te slaan, ook vanuit de verantwoordelijkheid voor een evenwichtige saldo-ontwikkeling. Conceptueel en analytisch heeft de heer Van Rooijen gelijk: hoe groter je die knoppen aanzet, hoe groter het effect op de korte termijn. Nogmaals, op de langere termijn zijn die effecten er ook maar dan in negatieve zin. We proberen ook daarin een net saldobeeld te presenteren.
De voorzitter:
Dat is duidelijk. Ik kijk naar de linkerzijde om te zien of er nog aanvullende aspecten zijn die mijn rechterzijde heeft verwaarloosd. Dan nodig ik u graag uit om die vragen te stellen aan de bewindslieden. Meneer Van Apeldoorn.
De heer Van Apeldoorn i (SP):
Dank, voorzitter. Wat de SP-fractie betreft heeft het kabinet gekozen voor het slechtste scenario, namelijk scenario 4. Dat wil ik in ieder geval even gezegd hebben. Het kabinet gaat, na een enorme lobby, die ook de Eerste Kamer en zeker ook de VVD-top bereikt heeft, miljarden uitgeven om vermogenden en beleggers een gunstigere belasting te geven dan in het oorspronkelijke wetsvoorstel de bedoeling was, terwijl er nog altijd een bezuiniging als stelpost in de begroting staat. Dat is nu weggehaald bij Sociale Zaken, maar nog steeds moet die bezuiniging gehaald worden. Er wordt sowieso al enorm bezuinigd op de zorg en er dreigen bezuinigingen op onderwijs. Maar dit kabinet kiest ervoor om nog vele miljarden uit te geven om vermogenden en beleggers een gunstigere belasting in box 3 te geven dan oorspronkelijk de bedoeling was, terwijl de vermogensongelijkheid in ons land al extreem is en dit kabinet er niets aan doet. Mijn vraag is of het nog meer kan worden dan de derving, om dat andere woord maar eens te gebruiken, die nu geraamd is. We weten — daarom kost het geld — dat vermogenswinst ten opzichte van vermogensaanwas leidt tot uitstel van het betalen van belasting in box 3. Maar veel wetenschappelijke literatuur en empirie zeggen dat het ook kan leiden tot afstel, dus dat uitstel leidt tot afstel. Dat heeft de staatssecretaris in de beantwoording van schriftelijke vragen van de SP ook bevestigd, namelijk dat dat risico er is. In het debat dat wij met de staatssecretaris hebben gevoerd over box 3, dus over het oorspronkelijke wetsvoorstel, had hij het zelf over een strategie van "buy, borrow, die". Als dat zo is, dan is mijn vraag of er rekening wordt gehouden met het scenario dat het uiteindelijk nog verder oploopt omdat het structureel minder oplevert. Zo ja, gaat daar dan ook een dekking voor gevonden worden? Want ook voor de huidige derving is nog geen dekking.
Voorzitter. Mijn tweede vraag gaat over de uitvoerbaarheid. Ik weet dat een heel deel van deze Kamer heel enthousiast is over scenario 4, maar het heeft mij wel verbaasd. In juni, begin zomer, was de lijn van het kabinet nog: "Een versnelde invoering van vermogenswinst zoals gewenst door een deel van de Tweede en Eerste Kamer, is onuitvoerbaar. De banken kunnen het niet voor elkaar krijgen, de Belastingdienst kan het niet aan. Het is ook ondoenlijk voor de belastingbetaler, dus dat kunnen we niet doen. Het kan niet per 2028. Het zou pas later kunnen." Nu kan het ineens wel. Er zijn allerlei beren op de weg, maar de staatssecretaris zegt: met uw medewerking gaan we die uit de weg ruimen. Maar concreet: welke uitvoeringsproblemen zijn sinds juni opgelost, of welke worden nu eenvoudigweg geaccepteerd om de politiek gewenste datum van 2028 te halen?
Voorzitter, ten slotte één zin. Dit is meer een opmerking richting de collega's dan een vraag aan de bewindslieden. Op basis van de eerdere antwoorden van de staatssecretaris constateer ik dat een zorgvuldige behandeling van deze route, van scenario vier, eigenlijk niet te doen is en dat we snelheid boven zorgvuldigheid zouden moeten kiezen als senaat. Daar is mijn fractie geen voorstander van.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel voor uw vragen. Wie mag ik namens PRO het woord geven? De heer Crone.
De heer Crone i (PRO):
Dank u wel, voorzitter. U heeft het al gehoord, maar ik bied graag aan: PRO en Volt. Maar als ik het zo hoor, hoort de SP er ook bij; u heeft hier een ruime meerderheid voor het grijpen. Ik kan het inhoudelijk toelichten, maar allereerst even de toezeggingen die u zojuist heeft gedaan op verzoek van collega's, onder wie van de heer Van Rooijen. Een verzoek was: de oude dekking apart in de novelle en vermeng die niet met het Belastingplan. Dat zal ook zeker nodig zijn, want we begrijpen dat het advies van de Raad van State pas eind oktober komt. U moet er dan een weekje naar kijken, want we willen natuurlijk weten of u wat doet met dat advies. Misschien komt er dan nog een novelle op de novelle. Dat is vraag één. Dat hoeft niet erg te zijn, maar dat betekent dat de Tweede Kamer heel snel, voor 12 november — ik herhaal wat de heer Van Rooijen zei — moet beslissen en daarna wij ook nog. Gaat dat lukken voor 1 januari?
We hebben wat betreft belastingen altijd de heilige wet: burgers en zeker ook bedrijven moeten een jaar van tevoren weten waar ze aan toe zijn. Maar ik zie in de stukken dat bijvoorbeeld dat cadeautje voor dga's, het lagere tarief, volgend jaar al geldt en zelfs al geldt voor het belastingjaar 2026. Het wordt namelijk al meegerekend in de plaat voor 2026. Ik vraag de minister hoe dat nou precies kan, want dan moet het dus toch voor 1 januari rond zijn. Iedereen zegt wel "die wet gaat pas in '28 in", maar nee, de dekking is er nu. Dat geldt ook voor andere elementen van de dekking. Ze staan zelfs al in de tabel voor '26. Hoe serieus kan het dan zijn?
Ik neem aan dat de Tweede Kamer — dat wilt u, denk ik, wel bevestigen — volledig amendementsrecht heeft. Als die novelle er ligt, kan de Tweede Kamer allemaal amendementen indienen, waarbij uiteraard ook ambtelijke ondersteuning nodig kan zijn om het netjes te doen enzovoorts. Dat moet dus allemaal tussen ongeveer 2 november en 12 november. Zelfs als je dit al zou willen, is de vraag: gaan we dit echt doen? We hebben besloten, ook hier in de Eerste Kamer, naar aanleiding van de toeslagenaffaire: dit gaan we nooit meer doen. Dan bedoel ik dat onder politieke druk de wenselijke meerderheid iets doordrukt zonder voldoende uitvoeringstoetsen of voldoende juridische afwegingskaders. Ik geef het maar mee, want ik vind niet dat we dit achteraf moeten horen en wil niet dat wij allemaal over tien jaar in een enquêtecommissie zitten om uit te leggen: had het dan gezegd. Nou, dan kom ik dus niet, want ik heb het gezegd.
Haastige spoed is zelden goed, maar ik ben het zonnetje in huis! Daarom ga ik nu meneer Kroon ondersteunen. Hij heeft er terecht op gewezen dat consumptief krediet in dit systeem wel heel goedkoop wordt. In het verleden is ook al wel een beetje gebleken dat je je aflossingsvrije hypotheek gewoon kunt overhevelen naar box 3. Dat is soms goedkoper. In box 1 mag het niet eens, maar andere forfaitaire hypotheken zijn soms ook al overgegaan naar box 3. Ik volg zijn suggestie: je kunt het helemaal afschaffen, je kunt een plafond kiezen. Maar het is natuurlijk niet uit te leggen dat we boven op de verschuivingen die er al zijn, van lage inkomens, gewone spaarders naar de hoge inkomens, de hoge vermogens, ook nog extra consumptief krediet gaan geven aan de gewone, rijkere mensen. Want anders kun je het natuurlijk niet krijgen. Ik zou graag ook een antwoord krijgen op de vraag over het consumptief krediet. Ik hoorde een half positieve reactie, namelijk "we gaan ernaar kijken", maar ik heb hetzelfde gevraagd in juni en ik heb nog steeds geen reactie gehad. Toen was er ook geen derde termijn, maar we willen dit antwoord wel graag zien voordat de behandeling in de Tweede Kamer plaatsvindt.
Ik ben heel blij met de toezegging naar aanleiding van de vraag van de heer Baumgarten dat illiquide middelen versus liquide middelen niet meer de maatstaf is. Maar is het juridisch uit te leggen dat iemand met crypto's — dat kunnen er heel veel zijn — maar ook iemand met buitenlandse valuta, die ook worden genoemd, en iemand met certificaten onder de aanwasbelasting blijven vallen? Die mensen worden natuurlijk woedend, want die moeten enorm betalen. Iemand die een miljoen crypto's heeft, gaat dan aanwasbelasting betalen. Ik zie de minister al zorgelijk kijken. Dit is ongelofelijk. "Ongelofelijk" is wat hij vaak zegt. "Dit is ongelofelijk belangrijk en dit moeten we oplossen." Maar het hele proces is ongelofelijk, dus ik steun hem heel erg graag in zijn drive, al ben ik niet hyper.
Voorzitter. De dekking en het consumptief krediet heb ik gehad. Dan de incentive om dga's versneld te laten uitkeren. Het kan ook omgekeerd. Als wij nu zeggen "we gaan over twee, drie jaar het tarief met 1% of 2% verhogen", dan is dat dezelfde incentive. Dat hebben we namelijk ook gehad. We hebben een keer een opstapje gehad. Dat was niet met Dijsselbloem, maar een andere keer. U knikt, dus u weet het ook nog. Technisch zal een dga zeggen: volgend jaar gaat het tarief 1 procentpunt omhoog, dus dan doe ik nu alvast een dividenduitkering. Dat is technisch hetzelfde. Het voordeel is alleen dat je daarmee geld binnenhaalt waarmee je de transitie kunt betalen.
Laat ik met het echt goede nieuws beginnen: ik ben helemaal niet principieel tegen winstbelasting, maar ik ben tegen de financiering en tegen dat uitstelgedrag. Daar wees de heer Van Apeldoorn net op, en alle hoogleraren hebben daar ook op gewezen. Alle hoogleraren hebben gezegd dat je daar iets aan kunt doen door een progressief tarief — daar ben ik op tegen — of door bijvoorbeeld een voorheffing. Dat is ook opgebracht door Volt in de Tweede Kamer. Je kunt een voorheffing doen van bijvoorbeeld 1,3%. Professor Jacobs heeft dit genoemd, afgelopen vrijdag in Elsevier Weekblad, EW. Dan haal je binnen box 3 geld op, ieder jaar een beetje, waarmee je de transitie kunt betalen. Die variant heb ik ook genoemd in de debatten, maar ik zie in de memorie van toelichting niet terug waarom die is afgewezen. Er zijn dus veel varianten om het allemaal nét iets beter te doen, zodat we unaniem kunnen kiezen voor een winstbelasting.
Voorzitter. Het laatste punt. Ik lees net op de site van de NOS dat de Vereniging van Banken dit niet op tijd gaat uitvoeren. Dit zeggen zij. De NOS is altijd betrouwbaar. Die hebben kennelijk gebeld met de Vereniging van Banken. Het verbaast me niet, want hier in de hoorzitting heeft de Vereniging van Banken gezegd: we gaan de aanwasbelasting invoeren, maar we geven geen garanties. Ze wilden natuurlijk de politiek niet dwarszitten. We hebben allemaal gehoord dat 15 maart de deadline was voor de aanwasbelasting over 2026. Zo nodig kan ik het voorlezen. De Nederlandse Vereniging van Banken zegt het dus zonder aarzeling. Kennelijk heeft het ministerie van Financiën gezegd: ja, maar ze zijn toch ook voor de winstbelasting, dus zij gaan hun best doen. Daar herkennen zij zich niet in, quote unquote.
De voorzitter:
Uw punt is duidelijk. Meneer Hartog.
De heer Hartog i (Volt):
Voorzitter, dank u wel. Allereerst wil ik de bewindspersonen danken voor het gevoel van urgentie dat ik ook bij hen wel voel in deze zaak. Ik denk dat dat een gedeeld iets is van ons allemaal. Dat is goed nieuws. Mijn vraag gaat over de methodiek. Je ziet vaak het volgende. Al die mensen komen bij u binnen. Dat is zeg maar de biechtstoelprocedure. Dan komt er ineens een brief en daar zijn ze het dan weer niet mee eens. Ik praat vanuit mijn katholieke achtergrond. Het geeft mij een beetje het gevoel alsof je dan de biecht hebt gedaan en dan meteen overgaat tot de koffie met donuts, terwijl de mis eigenlijk is gemist. Ik zou u toch in overweging willen geven om met de constructieve partijen, de partijen die u zelf heeft genoemd, gewoon eens collectief om de tafel te gaan zitten om te kijken waar de landingszone is. Dat is meer een methodiekkwestie die ik vanuit Brussel gewend ben, waar mensen altijd onenig zijn. U kent het wel.
Mijn tweede suggestie, gezien de heer Eerenberg aangaf dat hij altijd in is voor suggesties, is een vervolg op de suggestie die ik tijdens het debat heb gedaan. Misschien zou u uw ambtenaren het advies kunnen geven om morgen even de Irish Independent en de Irish Times te lezen, waarin Simon Harris komt met een nieuw voorstel vanuit Fianna Fáil en Fine Gael, een christendemocratisch-liberaal kabinet, om een regeling te maken voor de kleine spaarders en beleggers, waarbij zij makkelijker en net iets minder belasting kunnen betalen. Ik denk dat dat een hele goede aanvulling zou zijn op het pakket dat u nu aan het overwegen bent.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan de bewindslieden.
Staatssecretaris Eerenberg:
Voorzitter, dank. Dank ook voor de tweede helft. Even kijken. Wat haal ik daar als rode draad uit? Er zijn een aantal vragen over de novelle en de versnelde invoering die die met zich meebrengt. Ik heb zelf het artikel van de NOS nog niet gelezen. Ik probeerde dat live te doen, maar ik vond het toch netter om naar u te luisteren.
De heer Crone i (PRO):
Het Financieele Dagblad zei het een maand geleden ook al …
Staatssecretaris Eerenberg:
Ik denk dat het ook in lijn is met de introductie die ik gaf, namelijk dat we van de box 3-rotonde af zijn gegaan met elkaar en dat we een route hebben gekozen die via de novelle versneld vermogenswinst mogelijk maakt voor die waardepapieren, maar dat die route ook gepaard gaat met beren op de weg of uitdagingen; elke metafoor is welkom. Een van die uitdagingen is de vraag of er op tijd voldoende gegevens bij de Belastingdienst zijn. Als het antwoord daarop nee is — ik ga toch even een "wat als?" doen — dan is het denk ik aan ons om twee dingen te doen. Het eerste is om dat politiek te wegen. Dat is uw vak. Ik ben altijd van de optimistische school. Dan zullen we toch moeten kijken wat dat betekent, of er alternatieven te verzinnen zijn en of we nog in gesprek kunnen met de banken. Ik heb zelf dat gesprek bijvoorbeeld nog niet gehad. Dat is een beetje hoe ik op dit moment naar die dilemma's kijk. Maar ik loop niet weg voor het feit dat het een route is die als upside, om een goed Nederlands woord te gebruiken, snelheid heeft, maar ook een aantal uitdagingen kent. Daar moeten we ook niet voor weglopen. Er komt ook een uitvoeringstoets van de Belastingdienst. Die krijgt u altijd bij wetgeving. Dat is de normale procedure, ook bij een novelle. Die zal op al dit soort punten uitvoerig ingaan, ook op al die juridische aspecten. Net werd de toezegging gevraagd dat u die ook krijgt en dat u die tijdig krijgt. Uiteraard. Dan is het ook weer aan u om uw politieke werk daarmee te doen, wetende dat de marges qua tijd natuurlijk buitengewoon krap zijn. Dat is inmiddels in de orde van grootte van dagen.
Dan waren er een paar vragen over de bespelregeling van vermogenswinst. Daar zijn allerlei varianten in. Dat kan natuurlijk op geen enkele wijze meer in die novelle, want als we dat doen, gaan we de invoerdatum in 2028 niet meer halen. Achter die novelle aan komt het reguliere, maar wel versnelde wetgevingsproces over vermogenswinst. Ik heb het vermoeden dat wij daarover nog een aantal debatten zullen voeren met elkaar. Dat lijkt mij ook de plek om het over die spelregels te gaan hebben. Daar zullen veel verschillende meningen de ronde doen, zowel buiten als binnen dit gebouw. Dat is ook politiek, en dat is ook leuk. Dat gesprek gaan we wat mij betreft dán met elkaar voeren.
Dan nog één extra zin naar aanleiding van de vraag van PRO over crypto's. Dat is gewoon wat het is, gegeven de route van de novelle. Het is overigens wel zo dat als mensen in een fonds beleggen dat in crypto's belegt, zij wél onder de vermogenswinst vallen. Daarmee wordt de groep mensen voor wie vermogenswinst nog even niet geldt, natuurlijk steeds kleiner. Het is niet nul — daar moeten we ook niet voor weglopen — maar ook hier geldt eerlijkheidshalve gewoon dat dat een beetje de prijs is van de versnelde route.
Het is altijd leuk — dank aan Volt — om naar Europese inspirerende voorbeelden te kijken. Ik ken 'm persoonlijk nog niet, maar ik heb het hier opgeschreven en zelfs onderstreept, dus ik ga vanavond onderweg naar huis naar de Irish Independent kijken.
De heer Hartog i (Volt):
Morgen.
Staatssecretaris Eerenberg:
O, morgen? U weet nu al wat er in de krant van morgen staat? Eh … Oké. Prima. Ik denk dat dat de vragen zijn die aan mij gesteld zijn. Dan geef ik via u graag het woord over aan de minister.
De voorzitter:
De minister.
Minister Heinen:
Dank u wel. Er waren voor mij verder geen vragen op de zeef blijven liggen. Alle suggesties die ik heb gehoord, nemen we uiteraard mee en daar komen we ook op terug. Als we het dan over Europa hebben, noem ik nog iets waar uw Kamer een halfjaar geleden ook al op aansloeg. Ik ben internationaal veel aangesproken op de aanwasbelasting. Je kan daar heel economisch naar kijken, maar er waren ook wel mensen bij de Europese Commissie en onder collega's die zorgen hadden en vroegen: goh, wat doet u daar nou, en is dit in het licht van alle inspanningen van de kapitaalmarktunie voor het stimuleren van beleggingen de beste route? Dat is inmiddels achterhaald, want we hebben nu een nieuw voorstel. Dat komt uiteraard ook zo snel mogelijk naar uw Kamer, zodat we het erover kunnen hebben langs de lijn zoals de staatssecretaris die beschreef.
De voorzitter:
Dank jullie wel. Dan ga ik even kijken of er nog mensen aanvechtingen hebben. U kunt nog een korte, bondige vraag stellen aan een van de bewindslieden. Kort en bondig. De heer Van Rooijen.
De heer Van Rooijen i (50PLUS):
Ja, voorzitter. In de eerste plaats had mijn fractie de voorkeur voor een grote verlaging. Ik wijs erop dat PvdA-minister Dijsselbloem destijds 3% deed. Dat was een groot succes.
De staatssecretaris zei: een novelle bij het Belastingplan. De motie-Hoekstra is daarmee vervuld, maar de staatssecretaris zegt ook: de dekking is het vertrekpunt in de novelle. Kan het dan zo zijn dat het toch nog in het Belastingplan belandt? Dat zouden wij niet willen. Graag duidelijkheid.
Ten slotte de hogere vrijstelling die er nu komt. Die leidt tot een structureel dekkingsprobleem. Ik wil van mijn kant zeggen dat 50PLUS absoluut geen dekking wil door een beperking van de hypotheekrenteaftrek. We willen ook geen hogere huurwaarde. Dat is nota bene fictief rendement. We willen ook geen verhoging van de erfbelasting en geen aanpak van de papieren schenking. Waarvan akte.
De voorzitter:
Mevrouw Bakker met haar vraag.
Mevrouw Bakker-Klein i (CDA):
Ja, voorzitter. Gelukkig is een heleboel van dit soort dingen Tweede Kamerwerk, dus dat gaat vast ook nog aan de orde komen. Ik heb niet zozeer een vraag, maar wel even iets wat ik wil rechtzetten. Ik kreeg een beetje de indruk dat de staatssecretaris zei: het ligt aan jullie of er haast gemaakt wordt. In twee termijnen hebben we een wetsvoorstel behandeld. We hadden toen die wet gelijk kunnen aannemen of verwerpen. Daar hebben we niet voor gekozen vanwege het belang van het land. We hebben dus gezegd: we houden het even aan. U zou na de zomer direct met een novelle komen. Dat is niet gelukt. Dat het nu wat trager wordt, ligt dus niet aan deze Kamer. Dat ligt toch echt bij het kabinet. Dat neemt niet weg dat we heel blij zijn omdat er een keuze is gemaakt en dat het er nu aankomt. Maar dat heeft niet te maken met de snelheid van de Kamer.
Ik lees in hetzelfde persbericht dat senator Crone ook vindt dat er onder meer nog deskundigen gehoord moeten worden. Ik kan nu zeggen dat onze fractie daar geen behoefte aan heeft. We hebben een uitgebreide deskundigenmeeting gehad, waarin al deze varianten ook aan de orde geweest zijn. Wat ons betreft zouden we dus graag de snelheid erin houden. Er is ons veel aan gelegen om voor '28 met een goed wetsvoorstel te komen.
De voorzitter:
Meneer Kroon.
De heer Kroon i (BBB):
Dank u wel, voorzitter. Ik zou de bewindspersonen willen oproepen om bij de finale versie van hetgeen naar ons toe komt, rekening te houden met het maatschappelijk draagvlak. Als de belastingmoraal erodeert, hebben we misschien wel een goed stelsel, maar zijn we verder van huis. Houd het eenvoudig en uitlegbaar, ook voor gewone mensen die geen fiscaliteit gestudeerd hebben en die niet bij machte zijn een Excelsheet te maken. Alleen dan komen we tot een implementatie die minder energie kost en die waarschijnlijk ook tijdig kan zijn. Het blijkt dat de quote van meneer Crone al in de krant stond voordat hij die uitgesproken had. Zo snel hoeft het allemaal niet. Ik ben blij dat u gedraaid bent en nodig u vooral uit om, tot het moment dat de finale tekst hier ligt, ons te blijven consulteren.
De voorzitter:
Meneer Baumgarten.
De heer Baumgarten i (JA21):
Dank u wel, meneer de voorzitter. Ook ik zal het beknopt houden. Ik vraag even de bevestiging van de staatssecretaris of ik goed heb begrepen dat crypto en andere waardepapieren inderdaad per 2030 onder de vermogenswinst zouden moeten vallen.
Ik zou ook nog wel graag een reflectie willen horen op mijn suggestie om, mocht er een dekkingstekort zijn, toch te kijken naar de onderuitputting uit de tegenbewijsregeling.
Ik wil één hartenkreet met u delen. Het valt mij bij de presentatie van de Miljoenennota altijd op dat het land te klein is als er een paar tienden aan koopkrachtstijging of wellicht -krimp plaatsvinden, maar er vindt totaal geen inflatiecorrectie plaats bij de beoogde vermogenswinstbelasting, terwijl dat de facto ook interen is op het bruikbaar vermogen en het rendement daaruit. Die hartenkreet wil ik nog wel even met deze Kamer delen.
Dank u wel.
De voorzitter:
Meneer Griffioen.
De heer Griffioen i (D66):
Voorzitter, dank. De bewindslieden dank ik voor de reactie tot nu toe. De staatssecretaris gaf aan dat de novelle los is en dat die dus los van het Belastingplan behandeld kan worden. Het zou qua timing best zo kunnen zijn dat dit op dezelfde dag of dagen is als de behandeling van het Belastingplan, maar heb ik goed begrepen dat dit niet per se hoeft?
De voorzitter:
Hebt u nog een vraag, meneer Van Strien? Het hoeft niet, hoor.
De heer Van Strien i (PVV):
Nee, een opmerking, voorzitter. Wij wachten graag het definitieve voorstel af voordat we ons definitieve oordeel daarover geven. Dank u wel.
De voorzitter:
De heer Van Apeldoorn.
De heer Van Apeldoorn i (SP):
Dank, voorzitter. Ik heb volgens mij geen duidelijk antwoord gekregen op mijn vragen. Nogmaals, het invoeren van vermogenswinstbelasting kost op de langere termijn 22 miljard. Dat is het prijskaartje. Ik vroeg, vanwege de mogelijkheid dat uitstel ook tot afstel leidt, of het niet ook nog meer dan 22 miljard zou kunnen worden. Wordt daar rekening mee gehouden? De staatssecretaris heeft zelf gezegd: dat mechanisme is er en daar moeten we misschien iets aan doen. Maar wat we — of liever gezegd: het kabinet — daaraan gaan doen, is mij nog volstrekt onduidelijk. Kan het dan op langere termijn nog meer worden dan 22 miljard? Zo ja, is er al nagedacht over wat dan de dekking zou moeten zijn?
Wat betreft de uitvoering was mijn vraag nog: welke uitvoeringsproblemen die het kabinet zelf nog voor de zomer, in juni, constateerde, zijn nu weggenomen? De staatssecretaris zegt daar dingen over die mij niet echt geruststellen. Hij zegt, naar aanleiding van de berichtgeving van NOS die we nu allemaal aan het lezen zijn: er zijn misschien nog meer beren op de weg dan we eerst al dachten, maar ik ben een optimistisch mens en dan moeten we dat maar gaan oplossen. Hoe we dat dan gaan oplossen ... Of liever gezegd, hoe het kabinet dat gaat oplossen, want het is geen probleem dat de SP creëert ... Hoe het kabinet dit dan gaat oplossen vóór 1 januari is mij een volstrekt raadsel. Daarbij is ook nog eens een keer de vraag wat er gedaan gaat worden met het advies van de Raad van State, waarvan we de inhoud nu nog niet kennen. Nogmaals, ik wil hier een pleidooi houden voor zorgvuldigheid, die op deze manier zeer onder druk komt te staan.
De voorzitter:
En een laatste korte toevoegende vraag van de heer Crone.
De heer Crone i (PRO):
We hebben een debat tot 20.00 uur gepland, voorzitter, dus ik weet niet waarom u haast heeft.
De voorzitter:
Dat heb ik speciaal gedaan omdat dit niet wil zeggen dat we de bewindslieden niet van hun avond kunnen laten genieten.
De heer Crone (PRO):
Maar als wij vragen ...
De voorzitter:
Omdat ze morgen de hele dag in deze prachtige zaal zitten.
De heer Crone (PRO):
Maar ik neem aan dat dit niet wil zeggen dat ze om 19.45 uur weg moeten, voorzitter. Ik vind het dus een beetje wonderlijk dat u dit zo doet. Maar dat geeft niet, ik stel mijn vragen.
De voorzitter:
Maar het moet toegevoegde waarde hebben, dus ...
De heer Crone i (PRO):
Maar dat bepalen de leden. Dank in ieder geval dat ik het woord heb, voorzitter. Als ik goed begrijp wat de staatssecretaris zegt, wat de banken zeggen en wat de minister zelf ook heeft gezegd in zijn Miljoenennota-interview in Het Financieele Dagblad, moet het wel uitvoerbaar zijn. Begrijp ik het ook goed dat u net tussen de regels zei: als blijkt dat de Nederlandse Vereniging van Banken of de Belastingdienst zeggen dat ze het niet voor elkaar krijgen, dan moet het maar een jaar later of anders? Dat is toch ongeveer een terechte conclusie? Ik denk dat het bijna vanzelfsprekend is, maar ik wil het graag zo vaststellen. Dan weten we waar we aan toe zijn.
Ik had een vraag aan de minister over de dekking. Er is al een dekking voor de tijdelijke verlaging van het hoge tarief in 2026 en 2027. Moeten wij dit onderdeeltje van de dekking dan allemaal aannemen voor 1 januari? Dan ligt er een zware tijdsdruk op de hele novelle. Anders haalt u dat geld niet binnen in 2026 en 2027. Ik kan het me voorstellen, want dividend neem je vaak pas op in het jaar nadat je winst hebt gemaakt. Je bent zelfs voor de fiscus verplicht om het, geloof ik, uiterlijk in januari te melden in een algemene vergadering van aandeelhouders in je bv. Ik weet er ook niet alles van, maar dit is wel wat ik altijd heb meegemaakt.
Ja, en dan toch: ik wil niet het verwijt horen dat ik iets tegenhoud. Ik versnel iets als ik hier vraag om dingen die toch gevraagd zullen worden. Ik vraag liever nu naar crypto's en naar suggesties die Jacobs en Van Lunteren doen om een voorheffing te doen in de winstbelasting, dan pas als de wet in de Tweede Kamer of hier ligt. Want dan zegt u: had het eerder gevraagd! Ik wil dus niet het verwijt horen dat ik hier aan vertraging doe, want dan had ik hier niet gezeten of had ik hier lekker niks gezegd, en dan had ik al die vragen over een maand gesteld. Dat wil ik even gezegd hebben.
Nogmaals, wij hebben nooit gezegd dat we principieel tegen winstbelasting zijn, maar we willen ook niet dat een groep die het zich kan permitteren geld opspaart in fondsen. Dat was namelijk de reden waarom we in 2000 van dat systeem zijn afgestapt en waarom we nu die dekkingsproblemen hebben.
De heer Hartog i (Volt):
Voorzitter ...
De heer Crone (PRO):
Als ik daar een oplossing voor heb, die ik ook in juni heb geroepen, moet dat natuurlijk terug kunnen komen in het debat.
De heer Van Rooijen i (50PLUS):
Voorzitter, dit is geen vraag.
De heer Crone (PRO):
Als Kamerleden deze suggesties doen, lijkt het me dat de minister en de staatssecretaris daar gewoon op kunnen antwoorden. Als ze er niet op antwoorden, is het ook goed, maar ze kunnen daarmee misschien een amendement voorkomen.
De voorzitter:
Sorry, heeft meneer Hartog een andere vraag?
De heer Hartog (Volt):
Nou, na de speech van drie minuten denk ik dat de meeste mensen ...
De voorzitter:
Die speech van tien minuten hebt u ook gehouden, dus ik geef het woord aan de bewindslieden.
Staatssecretaris Eerenberg:
Voorzitter, dank. Er zijn een aantal hartenkreten, oproepen en suggesties gedaan en die hebben wij heel goed gehoord. De reden dat we daar nu misschien niet tot in veel detail op kunnen ingaan, is dat we ook gewoon nog zelf in het proces zitten dat we die goed wegen. Het is evident dat een aantal dingen die u gezegd heeft heel herkenbaar zijn. Dus ja, maatschappelijk draagvlak is belangrijk voor belastingmoraal. Dat onderschrijf ik gewoon. Ik snap ook goed wat het CDA hier zegt. Ik denk vooral dat u mijn opmerkingen zo moet horen dat ik daarmee vooral niet wil terugkijken maar vooruit wil kijken. Als wij met elkaar die route van '28 willen halen, dan zullen we de komende weken — daar hebben we het dan over; zo simpel is het — toch echt stevig aan de slag moeten. Dat is misschien meer mijn hartenkreet uw kant op. "U" is dan de gehele commissie. Blijf ook consulteren en contact zoeken. Dat is allemaal aan het goede adres.
Ik kom dan toch weer even terug op onderuitputting. Daar hebben we voor de zomer natuurlijk ook lang over gedebatteerd met elkaar. Er zijn twee dingen aan de hand waardoor ik u nu niet kan zeggen dat ik dat kan inzetten. Het eerste is dat ik vind dat wij met elkaar vertrouwen in onze rekenmeesters moeten hebben. Hoewel ik ook zie dat het tot nu toe uitgekeerde bedrag ten opzichte van het gereserveerde echt aan de lage kant is, of aan de zeer lage kant, is de verdeling van aanvragen over de kalenderjaren zodanig dat de mensen die ervoor gestudeerd hebben zeggen: daar kun je nog geen verwachting aan koppelen; je kunt dat nog niet extrapoleren. Ik ben van de school die het buitengewoon serieus neemt als die mensen dat zeggen, want dat zijn zeer kundige en slimme mensen. Ik wil ook waken voor het omgekeerde, namelijk dat we er hier met elkaar een conclusie aan verbinden, maar dat het achteraf anders blijkt te zijn. Dan weet ik ook in welk gesprek we met elkaar terechtkomen. Ik heb misschien wel hetzelfde gevoel als u als ik naar de getallen kijk, maar als we daar wat dieper induiken en we het onze rekenmeesters vragen, dan zeggen ze: het is te vroeg om een conclusie te trekken. Dan vind ik dat je veiligheidshalve nog geen conclusie moet trekken. Dat is één. Het tweede zijn de begrotingsregels. Mocht er uiteindelijk geld over blijken te zijn, dan valt dat vrij aan het saldo. Dat is nou eenmaal hoe het werkt.
D66 vroeg heel concreet: kunnen wij op dezelfde dag stemmen over de novelle als over het Belastingplan? Dat gaat eerlijk gezegd mijn rol in uw commissie te boven. Wij proberen de novelle echt los te koppelen van het Belastingplan als het gaat over de juridische kant en de dekkingskant. Maar ja, het heeft allemaal ongeveer dezelfde tijdlijn. Als we 2028 willen halen met elkaar, moet u voordat u onder de kerstboom zit het besluit over de novelle hebben genomen. Dan kan ik me voorstellen dat er praktische redenen zijn om, als we elkaar toch vaak treffen in die maand, het gesprek over de novelle dan ook te voeren. Sec zijn het natuurlijk aparte zaken.
Dan zijn er door de SP en PRO vragen gesteld over de uitvoering en over bespelregeling. Ik heb daar in de eerste termijn volgens mij echt wel wat over gezegd. Ik snap de vragen over bespelregeling. Die worden door meerdere partijen op verschillende manieren gesteld. Alleen, ik kan ze op geen enkele wijze in de novelle laten landen. De huidige wet biedt daar onvoldoende haakjes voor én dan lopen we uit de tijd. Daarna komt er een reguliere wet vermogenswinst. Dan kunnen we dit debat echt met elkaar gaan voeren. Ik kijk ernaar uit om dat te voeren. Dat zullen we moeten voeren met elkaar. Zoals elk wetstraject moet je het ook hierbij met elkaar hebben over de spelregels waaronder je vermogenswinst als land organiseert. Maar dat is gewoon de tweede trap van de tweetrapsraket.
Tot besluit, voorzitter, wil ik ingaan op alle vragen rondom uitvoering. Volgens mij heeft u mij in allerlei vormen horen onderkennen dat daar uitdagingen mee samenhangen. U heeft dat, als u de Algemene Financiële Beschouwingen in de Tweede kamer heeft gehoord, de minister ook horen zeggen. Ik denk dat we hierbij stap voor stap moeten werken. Dat betekent: de uitvoeringstoets als Belastingdienst gewoon netjes maken. Dan mag u ook van de Belastingdienst verwachten dat er heel zakelijk bekeken wordt wat de feitelijke risico's zijn en hoe we met die risico's kunnen omgaan. Mijn vraag aan de Belastingdienst is ook: laat dan ook zien hoe je die risico's kunt mitigeren en hoe je die op een alternatieve manier kunt aanwenden. Laten we dan op basis van dat document, dat we over een paar weken hebben, met elkaar dit gesprek vervolgen. Ik neem het serieus en loop er niet voor weg, maar we moeten dit stap voor stap in het proces doen.
De voorzitter:
De minister.
Minister Heinen:
Drie vragen had ik genoteerd. Allereerst even in reactie op de heer Van Rooijen het volgende. Hij wees erop dat de heer Dijsselbloem, mijn voorganger, in de periode van Rutte II een soortgelijke dekking zocht. Dat was toen bij de stamrecht-bv's en de pensioenen in eigen beheer. Dat weet ik nog goed, omdat ik daar nauw bij betrokken was. Dat was een iets hoger tarief. Het was onderdeel van een pakket waarin grote hervormingen zaten aan de uitgavenkant die op de langere termijn de overheidsfinanciën verbeterden. Dat is mijn spiegel die ik ook in de Tweede Kamer voorhoud. Ik snap dat we dit moeten oplossen met elkaar en deze beweging is daar onderdeel van, omdat je een incidentele hobbel over moet. We moeten alleen niet vergeten dat we op de langere termijn ook aan de uitgavenkant de hervormingen blijven doen om onze overheidsfinanciën op orde te houden. Dat debat verdwijnt steeds meer naar de achtergrond. Dat zeg ik niet richting de heer Van Rooijen, maar ik merk het wel in het bredere politieke debat. Als we deze beweging met elkaar maken, blijf ik er ook op hameren dat we moeten kijken naar de overheidsfinanciën, het uitgavenprobleem, de stijgende uitgaven. Dat zit 'm in consumptieve uitgaven. We weten allemaal: die zitten in de sociale zekerheid en de zorg. Daar zijn hervormingen voor nodig. De polder is daar nu aan zet, de werkgevers en de werknemers. In de tijd van Dijsselbloem was dat ook geen gratis optie; het was onderdeel van een breder pakket. Het is goed dat we dat met z'n allen in herinnering blijven brengen.
De heer Van Apeldoorn vroeg: zou het ook meer kunnen kosten? Hij maakte eigenlijk twee opmerkingen, waaronder over de structurele kosten. Ik wijs er wel op dat ongeacht het systeem waarvoor je kiest, het structureel allemaal nul was. Het maakt natuurlijk niet uit of je tussentijds of op het einde heft. We hebben er nu alleen voor gekozen om het tussentijds heffen niet te doen en naar vermogenswinst te gaan. Dat betreft dus het belasten van de reële winst en niet de fictieve rendementen. Kan het ook duurder worden? Wij ramen met de best beschikbare raming; daar moet ik me op baseren. Ik kan niet achter elke raming een vraagteken zetten, zo van: stel dat het duurder wordt. Dat geldt bij elke ombuiging of belasting die we voorstellen aan beide Kamers.
Dan als laatste de heer Crone. Dank voor de steun voor de geschetste richting. Dat wordt gewaardeerd. De vraag was wat de gevolgen zijn van de dekkingen die worden voorgesteld. Dat vind ik wel op de zaken vooruitlopen. Wij moeten het definitieve pakket nog aan uw Kamer voorstellen. Eerst gaat de novelle terugkomen van de Raad van State. Dat geeft ons ook de gelegenheid om in contact te treden met partijen in de Tweede Kamer, ook om een goede landingsgrond met elkaar af te spreken. Wij waren van mening dat we die hadden gevonden, maar na afloop bleek dat dat op onderdelen nog niet helemaal het geval was. Daar zoeken we dus nog door. We kunnen dan uw Kamer ook goed informeren. We zullen dan ook nader ingaan op dit vraagstuk.
De voorzitter:
Hartelijk dank voor uw komst naar de Kamer. Meneer Crone, pardon?
De heer Crone i (PRO):
Voorzitter, mag ik op het laatste punt om verduidelijking vragen? De dekking was toen ook niet voor '27 maar voor '28. Alles ging pas naar '28. Onze voorzitter zei ook altijd: we kunnen dit ook nog wel in februari behandelen. Dat klopte toen ook, bij de aanwasbelasting. Maar wij zien al een dekking in uw tabel, al kan die nog veranderen in de Tweede Kamer. In de tabel zien we al "2026" en "2027". We horen het burgers te vertellen als er een heffing komt, ook als het een voordeel is. Op 1 januari moet dat al wetgeving zijn, ook hier. Desnoods verneem ik het schriftelijk, maar ik wil wel even weten hoe dat precies gaat. Want anders staan wij onder druk omdat de dekking niet klopt omdat wij er een week te lang over doen. Hetzelfde geldt voor …
De voorzitter:
Het is duidelijk, meneer Crone.
De heer Crone (PRO):
Ja, maar de heer Eerenberg zegt: we gaan nu de wet aannemen, maar als u daarna nog iets anders wil, bijvoorbeeld een voorheffing, zoals ik zei, dan komt er nog een wet waar u dat in kan doen. Is dat dan de bedoeling? Dan denk ik dat burgers het ook ingewikkeld vinden. Dan krijg je een soort parapluwet met heel ingewikkelde baleinen.
De voorzitter:
[Wegens een ontbrekende geluidsregistratie is een deel van de uitgesproken tekst niet beschikbaar.]
Ik zou graag de heer Crone, meneer Kroon, meneer Van Rooijen … Nou, dat is uitzonderlijk. De minister.
Minister Heinen:
Ik zal kort antwoorden richting de heer Crone. Het laatste woord is dan uiteraard voor de staatssecretaris op dit belangrijke dossier. Ik kan hier pas echt in detail op ingaan wanneer we ook het definitieve voorstel aan uw Kamer sturen. Want anders gaan we allemaal speculatief reageren en dat lijkt me niet verstandig. Het is wel zo, zeg ik erbij, dat er druk op het proces staat. Tegelijkertijd ervaren deze twee bewindspersonen ook die druk, ook naar aanleiding van verzoeken van beide Kamers, die zeiden: los dit zo snel mogelijk op. Het is dus een inspanning van beiden, in de eerste plaats natuurlijk van de staatssecretaris. Maar het is ook aan de Raad van State om snel met een advies te komen. Vervolgens vraagt het een snelle wetsbehandeling. Dat is wel het eerlijke verhaal en de consequentie van de oproepen en de moties die wij allemaal gekregen hebben. Als er nog iets op de zeef is blijven liggen, geef ik, als u dat goed vindt, voorzitter, nog het woord aan de staatssecretaris.
Staatssecretaris Eerenberg:
Dan zeg ik toch nog een keer iets over de vraag van de heer Kroon over hoe het nou zit. Die novelle regelt echt alleen dat je in de huidige hybride wet zoals die nu bij u op de parkeerplaats staat, met een wielklem van de heer Van Rooijen erom, de waardepapieren ook onder vermogenswinst brengt. Het is aan u om dat te wegen als we dat werkje af hebben, maar ik proef hier vanavond ook dat die beweging breed gewaardeerd wordt. Daarmee heb je nog steeds het hybride stelsel, met alleen maar voor de waardepapieren de vermogenswinst erin. Daar komt snel een wet achter weg. Dan verdwijnt dus ook het onderscheid voor bijvoorbeeld crypto of beleggers in wijn. Ik ben van de school dat je wijn op kan drinken, maar je kan wijn kennelijk ook bewaren en in box 3 stoppen. Als je dat hebt gedaan, dan kun je het ook echt wel weer goed met elkaar gaan hebben over de vraag hoe die vermogenswinst er dan uitziet, welke spelregels daarbij horen et cetera, maar nu eerst: de novelle.
De voorzitter:
Dank u wel. Dank u wel voor dit informatieve gesprek. Ik proef bij mijn collega's alle bereidheid om u in het najaar zo veel mogelijk te helpen om het tijdschema te halen. We zullen elkaar vaker zien. Sterker nog, we zien elkaar morgen weer. Het goede nieuws is dat u nu nog een hele avond voor u heeft. Het slechte nieuws is dat u dat morgen naar alle waarschijnlijkheid niet zult hebben, maar u kunt zich troosten met het feit dat de stoelen voor bewindslieden veel comfortabeler zijn dan de bankjes voor de Kamerleden. Dat is dus een hele troost. Bovendien vergoedt de charme van de plenaire vergadering veel. Prettige avond.
Sluiting 19.40 uur.